Boekgegevens
Titel: Burgheim onder zijne kinderen; of Nieuwe zamenspraken en vertellingen, voor kinderen van acht tot veertien jaren, over de natuur en het menschelijk leven
Auteur: Mundt, G.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp en van de Grampel, 1823
4de, aanmerkelijk verb. dr
Opmerking: Vert. van: Burgheim unter seinen Kindern. - 1798-1801
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-722
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201481
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Burgheim onder zijne kinderen; of Nieuwe zamenspraken en vertellingen, voor kinderen van acht tot veertien jaren, over de natuur en het menschelijk leven
Vorige scan Volgende scanScanned page
134 wt^'r spook.
kastelein haalde zijne fchouders op en antwoord-
de; „ als mijnheer het dan zoo verkiest.....I" —
Men bragt den avond vrolijk door, en zijne vi^n-
den bragten het gefprek gedurig op fpookg^ehiede-
nisfen, verhaalden, fchijnbaar in vollen ernst, de
vreesfelijkfle dingen, en bekrachtigden deze vertel-
lingen met het gezag van vader, grootvader en ande-
re geloofwaardige lieden. Gezag en de degen waren
voor onzen ridder, bij ongeluk, de eenige bewijs-
gronden; zij gingen boven alle redeneringen, hoe
overtuigend deze ook mogten wezen.
Eindelijk werd het tijd om naar bed te gaan.
Men waarfchuwde onzen held nogmaals: doch hij
nam , met een, lloutmoedig gelaat, het licht, en
begaf zich naar zijne kamer; evenwel eiken trap
dien hij hooger kwam, floeg ook zijn hart hoo-
ger en fchielijker, niet zoo zeer uit vrees, o
neen! maar uit verlangen naar groote daden. Op
zijne kamer gekomen zijnde, keek hij eenige ma-
len achter zich om en de kamer rond, om het
terrein te verkennen , fchoof den grendel op de
deur, zette de tafel met de kaars en zijn' bloo-
ten degen er op voor het hemelhooge bed,
fprong in hetzelve, blies het licht uit-, en kroop
onder de dekens. Schielijk echter w^erd het hem
tc warm, het hoofd'moest er uit; maar wat zag
hij