Boekgegevens
Titel: Méthode familière, pour ceux qui commencent à s'exercer dans la langue française = Gemeenzame leerwijze voor degenen, die zich in de Fransche taal beginnen te oefenen
Auteur: Marin, Pieter; Scheerder, H.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp en Van de Grampel, 1826
Amsterdam: A. Bakels
2e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6334
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201359
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Méthode familière, pour ceux qui commencent à s'exercer dans la langue française = Gemeenzame leerwijze voor degenen, die zich in de Fransche taal beginnen te oefenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
6 Méthode 'Familicre.
m o k g £ n g e b e d.
1. Ik loof U, O Heer! bij het ontfluiten mijner oogle-^
den; doe mij reeds in den vroegen morgen me goedertie-
renheden bef effen-, buig, door uwen Ceest, mijnen ß liggen
wil, en doe mv Qoddelijti licht in mijn hart nederdalen.
2. Laat mij, in het midden der gevaren van mijne treu-
rige -loopbaan, door uwe hand onderfleund, in zekerheid
wandelen ; opdat ik eindelijk, door uwe genade en waar.
heid, bij mijn laatfle levensuur, in uwe rust moge ingaan.
3. Ik ben een hatelijk voorwerp voor uwe Geregtigheid ■,
maar wasch mij, 0 God! in het dierbaar bloed, dat uw
heilige Zoon voor mij op Calvarië heeft uitgcjlort.
4. Laat mij, zonder den dood, of zijnen akeligen toe-
fiel te vreezen, bij het uiteinde van den dag, die het hal-
ve wereldrond be fchijnt, in den dag ingaan, waar de
Heiligen geene andere zon hebben dan U alleen, Amen.
avondgebed.
I. Uwe Vaderl^ke goedheid, 0 Heer ! doet op het on-
dermaansch verblijf het licht fchijncn , om te arbeiden ■, en
door uwe wijze wetten komt de nacht, op zijne beurt, de
rust onder de fchaduw zijner vleugelen aanbrengen,
a. Maar, wunneer de zoete flaap mijne oogleden doet
fluiten, open dan over mij, 0 God! de oogen uwer liefde ;
ttsem mijne zonden weg; wees Gij mijne zon en mijn licht,
e» laat uwe heilige Engelen mijne getrouwe wachters zijn.
3, T>e dag, die onophoudelijk door den nacht verfloiuhn
wordt, kondigt mij gedurig het einde mijns levens aan , en
ik moet mij daartoe des daags en des nachts op eetie heilige,
■wijze voorbereiden.
4. Geef, dat de dood voor mij flechts een zoete ßaap mö-
ge zijn , waarin ik, terwijl de ziel in uwe armen , en het
ligchaam in het flof rust, de ontwaking van den eeuwigen
morgen verwacht, Amen.