Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
8r»
■woorden zijn, gelijk meu ziet, uit levende wortelen voortge-
sproten. Het fransche idée integendeel is slechts door het
latgnsche idea, en dit weêr door het Grieksch uit te leggen ;
buicidf slechts door het latijnsohe micidium ; (immers noch
sui, noch cide zijn, op zichzelve genomen, in het Fransch of
gebruikelijk of verstaanbaar) ; enflé door het latijnsche in flatus;
passion en compassion door passio. van pati ; encens door
incensum, van incendo ; miséricordc door misereor, miscret,
en cov; magnanime door magnanimus, van animus en magnus;
pusillanime door animus en pusiUus; circonspect Aoov circum-
spect us, van circumspicere ; adoption door adoptio ; énigme door
het griekssh-latijnsche aenigma ; capital door capitalis, van
caput; chapitre door capitulum, insgelijks van caput enz. enz. —
Van al de kunst- en wetenschappelj'ke woorden, welke, bij
duizenden, uit het Grieksch en Latijn in het Fransch zijn
overgenomen, of nog dagelijks zulks worden, als daar zijn,
b.v. géographie, astronomie, hydraulique, philosophie, chrono-
logie enz. willen wij niet eens spreken, deels, omdat zij minder
tot het oorspronkelijke en dagelijksche Fransch behooren,
deels, omdat wij Nederlanders sommigen er van, als kunst-
woorden, ook wel eens bezigen. Men kan hier echter nog
bijvoegen, dat, zoo gemakkelijk als het Fransch vreemde
woorden weet te verfranschen en over te nemen, zoo moeije-
lijk dit aan het Nederduitsch en Hoogduitsch valt. Het zuiver
duitsche bloed wil zich met geen vreemd vermengen, of, ge-
lijk de scheikundigen liet noemen zouden, amalgameeren. Nog
na eeuwen is een uitheemsch woord bij ons kenbaar; en, is
het ook al niet kennelijk door zijne heele gedaante, gelijk
president, officier, kolonel, cavallcrist, kapitein, notaris, dan
verraadt het zijnen of geheel, of gedeeltelijk buitenlandschen
oorsprong door het accent of den klemtoon, weiken wij er aan
geven, en waarover wij in het vervolg nog een woord nader
zeggen zullen. Hierdoor nu zijn de zuiverheid en oorspron-
kelijkheid onzer taal zeer bewaard gebleven; terwijl omgekeerd
dit terugstooten van het vreemdsoortige en vreemdslachtige
vanzelve ten bewijs voor deze hare oorspronkelijkheid en oud-