Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
71
§ 146.
Voor zoover een styl, over het algemeen genomen, uit
lange volzinnen of perioden bestaat, noemt men dien perio-
disch. Zijn integendeel de meeste zinnen kort en van weinig
leden, zoo draagt de styl den naam van afgebroken, in het
Latijn stüus incisus, in het 'Fro.nsGh style coupé. De volgende,
niet onaardige, maar voor ons oogmerk nog eenigermate
veranderde brief vau den grooten hooft aan de schoone
tesselschade roemers is meer of min in den laatsten schrijf-
trant geschreven:
Mejoffrouwe,
De pruime^i beginnen alV teffens , op een bodt, te rypen. Zy
roepen Tesseltie, Tesseltjes mondje! Etlijke deuntjes van ße-
lusar en andre roepen daar tegen aan : Tesseltje , Tesseltjes keel-
tje ! Zy waren er geirne van gezongen. Zy wenschten wel, dat
UE. Joffrouwe Francisca te hulpe meêbragt. Ik zeg haar : Tes-
seltje zuft! Tesseltje heeft pen noch inkt , om een briefken te
beantwoorden! Zy nemen 'tniet aan. Zy willen, dat ik ÜE.
uit den droom opwekke. Op, op dan,
Rozamondt, hoorje speelen noch si7igen 9
Wij verwachten ÜE. op H spoedigste, met UE. dochter. Ook
Joffrouwe Duarte met haar' E. man. Een briefken moge vooruit-
gaan , om wat gissings te maaken. Ondertusschen zulleti wy in
den windt zien , en happen naa den geenen , die van Alkmaar
komt. Wy zullen snuffen , aft hy naa ÜE. adem riekt. Godt
behoede ÜE. op de reize en eeuwlijk in genade, met alle die
haar lief zijn. Yan heelen heeten harte wenscht dit,
Mejoffrouwe!
ÜE. verplichte, dienstwillighste
P. C. Hooft.
Van den huize te Muiden ,
den eersten van Oestmaandt
1636.