Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
51
Pluk rozen en peöon, oranje- en scheerlinghloessemj
Schakeer de glaskoraal door 't Oostersch pareUno^r;
Gaar wat de veldgrond teelt van H aangename Lewisham,
En vlecht het om het hoofd van d' overachtbren Brewer!
Verheugt u, Wet en Recht! in ^t voorbeeld van een'h^iwyer.
Die nimmer wet verdraaide of Engelsch nam voor 7,weedsch\
Zijn kunde zedig dekte in d' allerdichtsten sluier !
Nooit hooger eerzucht had, dan de outside of the stage !
Viert met hem, viert zijn feest! weêrgalme huis en kamer
Van vreugde en dischgeschal, i7i spijt zelfs van den Droes !
Want virtue {zegt de spreuk) is guarded without armour.
En zonder H ijz'ren hek der nieuwe Marlborough Mews.
Of is er in den kring van H honest EngJish people
Een enk'le, die uw vreugd, uw feestvreugd wraken kan ?
Die iets te zeggen heeft op Leeraar of Discipel?
Voorzeker, brave Twee! geen sterveling! neen, not one !
Veracht dan H boos gelach van haughty men or women !
Uvj geest is hun te vreemd: zie daar de gantsche kneep!
En 'tgeesHen met de tong slaat niemand blaauwe striemen.
Denkt: Angels look on Pope, as Pope looks at an ape !
§ 130.
Wat bastaardwoorden zijn, is overbekend. Zij zijn, evenals
aangenomene bastaardkinderen, half echt, half onecht. Half
echt, daar zij meer of min naar den aard onzer taal ge-
plooid, en in het gebruik op hare leest geslagen zijn; half
onecht, daar hun oorsprong toch altijd uit den vreemde is.
Notaris is b. v. een bastaardwoord ; want het is in vorm wel
niet volkomen meer het slecht-latijnsche Notarius, dat is,
aanteekenaar (van notare, teekenen, merken); maar toch een
burger in ons taalgebied, die het kenmerk van zijn' vreem-
den oorsprong nog duidelijk op het voorhoofd draagt. Men