Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
154
valt, zijn' uitheemschen, onzuiveren en onduitschen oor-
aprong verraadt, en het vaste en eenparige van den boven-
staanden regel over den accent in onze taal des te meer
bevestigt. Dit is het geval b.v. met tuinier, meesteres, heer'
schappy, fluitist, en meer soortgelijke woorden, waarover
men § 22 vergelijken kan. — Indiervoege laten zich de be-
denkingen , die men tegen ten kates leer van den klemtoon
zoude kunnen inbrengen , meestal wederleggen.
Dat men nu in andere talen deze vaste en billijke plaat-
sing van het accent, (als waardoor men toch den meesten
nadruk aan die lettergreep geeft, welke daarop het meest
aanspraak kan maken) zoo eenparig en streekhoudend niet
aantreft, als in het Nederlandsch en de overige, wel te
verstaan onverbasterde, talen van den duitschen stam, moet
den oplettende dadelijk in het oog vallen. Men neme eens '
de volgende verhevene fransche dichtregelen van alphonse
de lamartine :
Qu'un autre vous réponde , ô sages de la terre l
J'ai maudit votre erreur : j'aime , il faut que f espère ; \
Notre faible raison se trouble et se confond ; j
Oui, la raison se tait, mais Vinstinct vous répond.
Pour moi, quand je verrois dans les célestes plaines
Les astres s'écartant de leurs routes certaines ,
Dans les champs de Véther, Vun par l'autre heurtés,
Parcourir au hasard les deux épouvantés ;
Quand fentendrois gémir et se briser la terre ;
Quand je verrois son globe , errant et solitaire.
Flottant loin des soleils , pleurant l'homme détruit,
Se perdre dans les champs de l'éternelle nuit ;
Et quand , dernier témoin de ces scènes funèbres ,
Entouré du Chaos , de la mort, des ténèbres ,
Seul je serois debout; seul , malgré mon effroi.
Etre infaillible et bon , j'espérerois en toi ,
Et, certain du retour de l'éternelle aurore,
Sur les mondes détruits je fattendrois encore l