Boekgegevens
Titel: Proeve van Platamsterdamsch
Auteur: Lennep, J. van; Halbertsma, J.H.
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1845
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6081
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201273
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Dialecten, Amsterdam (stad)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Proeve van Platamsterdamsch
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
veel mogelijk hlalus te mijden , eene n tusschen de
twee vocalen inschuiven, met welke de eerste syl-
labe sluit en de volgende begint, het zij dat zij die
n hechten achter de eerste lettergreep of doen
voorafgaan aan de volgende. Zoo zeggen zij mijn
al, zen om, zen al telt, jen assieblicf, wen afge^
sproken, wen allemaal, den een, hoorden ik,
voor mij, ze zij , je — jij, we zzz wij , de ,
hoorde; daarom dan ook loe begonne we , toe net,
maar toen ik. l)c n voor de volgende syllabe ,
zoo als gastere nazond, binne-namstel, gewoonte
nop, in plaats van avond, Amstel, op.
De Amsterdammers sluiten gaarne met de tenuis,
waar onze boekentaal de media plaatst; eene echt
Nederlandsche neiging der spraakorganen, waar-
van wij echter ook eene menigte voorbeelden aan-
treffen in Grieksch en Latijn. Zij zeggen dink,
mant, lant, noort , wet, hat, goet, voor ding,
mand , land , noord , wed , had , goed ; eene me-
nigte voorbeelden van dien aard zal men bij Maer-
LANT en zijne tijdgenooten aantreffen. Deze nei-
ging, in den blinde hot gevierd, zoude verwarring
veroorzaken. Er is b. v. geene wet in de natuur
der spraakorganen, die ons verbiedt te zeggen hard,
geld; zegt men hart, geit, gelijk hier, dan heeft
men durus en cor, pecunia en t^alet, door elkan-
der geward. Men vindt hier ook hooft in plaats
van hoofd ; doch niemand heeft ooit anders gespro-
ken of kunnen spreken dan hooft, en de spelling met
fd is eene ongerijmdheid, ten minste zoo oud als
Kiliaan. In de woordenboeken b. v. van Joanmes
Bogard te Leuven 1563, van Petrtts Dasïpodiüs
te Antwerpen 1569 , van Plantyjt te Antwerpen
1573 , om van anderen te zwijgen , vindt men nog
de ware spelling van hooft, hoofden. Het verraadt
eene diepe onkunde in de natuur der teunes en
mediac bij onze spelmeesters, dat zij fd wilden ver-
2
i