Boekgegevens
Titel: Leesboek voor de volksschool
Deel: Dl. 8 Bonte steenen
Auteur: Leopold, L.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1875
5e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6038
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201247
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
iO
6. - SCHEVENINGEN.
Als de gloênde Augustuszon
Doet verdampen beek en bron,
Bloem en blad doet kwijnen,
't Haagsche bosch zijn' frischheid derft
En de zang der vog'len sterft
Onder middag-schijnen,
Weelde dan, waar niets bij haalt.
Als de scheemrende avond daalt,
Frissche zeelucht te amen
Aan het Scheveningsche strand,
Waar de jeugd van stad en land
Vloeit en stoeit te zamen.
Zie, daar dooft het hemelvuur
In de golven van lazuur:
Lucht en water fonkelt
Als een stroom van vloeiend goud,
Die daar over 't golvend zout
Naar de stranden kronkelt.
Zelfs de kleine visschersboot
Schijnt in 't smeltend avondrood
Op de baar te dansen.
Look de moede dag het oog,
Onder menig wenkbrauwboog
Stralen zonneglanzen A. Bee/oo.
Wandelen, wandelen langs het strand, ziedaar te Sche-
veningen schering en inslag. Gelukkig, dat het langs het
strand is! Telkens verscheidenheid van tafereel: pinken,
die uitzeilen, — pinken, die, met visch bevracht, terug-
keeren; — het vaarwel, de welkomstgroet; — visschen in
en uit zee gedragen; — scheepjes met kracht van paarden
op het droge getrokken; — het strand bedekt met buit van