Boekgegevens
Titel: Stofgoud
Serie: Leesboek voor de volksschool, 7
Auteur: Leopold, L.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1884
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6022
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201234
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Stofgoud
Vorige scan Volgende scanScanned page
Bladz.
En, komt een grasscheut uit den grond
Of zwelt een teedre bloesemknop.
Dan strooit hij sneeuw of — rijp er o])
In d' ochtend- of in d' avondstond.
Hij rekt den langen winternacht
Voor al, wat reikhalst naar den dag.
Waarop zij komt met groet en lach,
De lente, reeds zoo lang verwacht.
Met grijze neevlen, dicht en breed.
Weert hij het koestrend licht der zon,
Opdat zij niet bij beek en bron
Het leven wekke op 't bloemtapeet.
En uit het vriendlijk morgenrood,
Dat aan den blauwen hemel drijft.
Lokt hij de sneeuw, die 't al verstijft.
En stormen, dragers van den nood.
Wat fonkelde, als in 't paradijs,
In laan en hof, in beemd en bosch.
Omhangen met den lentedos,
't Zit alles weer in sneeuw en ijs.
Hij spreekt: „Wie stout mijn doen bedill'
Geen nieuwigheid, die mij bekoort!" —
"t Is waar nog immer, 't grijze woord:
„April, April doet, wat hij wil."
L. LEOPOLD, Leesboek. Tweede Reeks. VII. 4e druk. B 5