Boekgegevens
Titel: Nieuw Engelsch lees-, leer- en vertaalboek voor eerstbeginnenden
Auteur: Lagerwey, J.; Ludolph, L.J.C.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1863
5e, verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5818
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201183
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw Engelsch lees-, leer- en vertaalboek voor eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page
241
BLADZ. 182.
Aïter'naie, bij afwisseliog. ohliv'ion, vergetelheid, to hound —to béat
pangs, kommer, benaauwdheden. womb (pr. woem), schoot, nought =
noth'lng, to encoun'ter ^ to undergo', main, oceaan, erewhile, weleer.
ves'tige, spoor, ruin (pr. roe'-iji) = des truc'tion.
BLADZ. 183.
Steeped in blood, ofschoon in bloed gedoopt, unshrinking, onverschrokken.
cham'pion, kampvechter, shri'ne, tempel, heiligdom, of yo're, in de dagen
van ouds. si'res , voorvaders, glo'w, gloed, rag'ged brow', onelfen rug.
io era'diey koesteren, birth, ontstaan, thralls, slavernij, boastful ^proud.
in'born, aangeboren, meed, bclooning. — Fis'ion, gezigt. sat'rap ook
sa'trap, landvoogd, throng'ed, vervulden, hall, zaal, dee'med, geacht
BLADZ. 184.
To tra'ce, schetsen, wand, tooverstaf. shook (o. v. t. van to sha'ke —
io tremble with féar). bade (o. v. t. van io bid = io command'), to
wax = to becom'e , to gro'w. trem'ulous — trembling, the men of lo're,
de geleerden, wijzen, to expound', ontcijferen, verklaren, to mar, storen.
a seer, ziener, waarzegger, prov'ed it true, bevestigde het. shroud,
doodkleed. — Spark, vonk,/ra'w^, hulsel, ligchaam. io lin'ger, talmen.
to whisper, fluisteren, io absorb', bevangen, zich verdiepen, to stéal,
verdooven. to drown, doen wegzinken.
BLADZ. 185.
To rece'de, achteruitgaan, verouderen, to ring, klinken, sting, prik-
kel. to redress', voorzien in. vwmb , schoot, hung (o. v. t. van to hang),
com'foris = bles'sings, slipp'ery , glibberig, heed'less, onbedachtzaam.
gent'ly, liefderijk, io cléar, eifen maken, worn (o. v. t. van io wear),
verzwakt, store, bezitting.
BLADZ. 186.
My daily thanks employ^, voor .... heb ik u dagelijks te dranken, to
pursue', opsporen, thy glo'rions the'me renaw', uwen roem op nieuw tot
een voorwerp van mijne nasporingen maken, to fail, bezwijken, pas'ture,
weide, voedsel, sul'iry gle'be, heete grond, /ö/ïzw^ , versmachten, tv
pant, hijgen, amid^ amidst, io overspread, omhullen, sted'fast, stand-
vastig. crook, herdersstaf, ba're, kaal. rug'ged, hobbelig, de'vious, onge-
baand. wild, woestijn, wildernis, to stray, dwalen, to begui'le=io de'
lu'de, opheifen, verijdelen, bar'ren, woest, to smi'le, toelagchen.
13