Boekgegevens
Titel: Nieuw Engelsch lees-, leer- en vertaalboek voor eerstbeginnenden
Auteur: Lagerwey, J.; Ludolph, L.J.C.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1863
5e, verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5818
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201183
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw Engelsch lees-, leer- en vertaalboek voor eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page

bi. 8—10.
198
Les 31.
IForh, werk. he done, gedaan worden, vïdl give, zal geveü. much,
veel. wiil love, zullen beminnen, glad, blijde, in the end, in het einde,
eindelijk., vrees, to teil a He, te liegen, vile, laag. does hate, haat,
make . .. .feel, laten voelen, pain, pijn, verdriet, vain, ijdele. life, le-
ven. will be, zal zijn. no more, niet meer. rooin , reden, rude, ruw ,
onbeschoft, look, staan, week, zachtaardig, in time to come, in de toe-
komst.
Les 32.
Héar, hoor. is said (pr. sed), gezegd wordt, hard, kwalijk, to be chid, ge-
kastijd te worden, hetzelfde, love to see you, n zitxi. just,
rechtvaardig, true, waar, oprecht, be, wees. shiin, vermijd, kind,
vriendelijk, none, niemand. v:isti, wenscht. to he done hy, gedaan te wor-
den. kee-^ out of, houd u builen. Uad, leiden, path, pad. rod, roede, straf,
Les 33.
Be hurt, benadeeld worden, help, voorkomen, do hurt, kwaad te doen.
help such, help hen. as vjant, die behoeven, gain, winnen, verwerven.
déar, lieve, waarde. 7nock, spot. at, met. 2^oor, armen, jest, scheer den
gek. make game, drijf den spot, lach uit. ill-made, mismaakt, made (van
to make, doen, maken), maakte, schiep, sawjit, goed vond. zeggen.
is to come, gebeuren zal. do not pry, vorsch niet na. yet, nog. wait,
wacht, to do vjell, het wel zal maken, does know, weet.
Les 31
The just, de rechtvaardigen, will léad them, zal hen leiden, such a one,
zulk een. so, dan. see, zien. quit, verlaat, to the pit of woe, ten ver-
derve. jaröy, bid. to his, tot zijne.
Les 35.
Long , lang. life to come . toekomend leven, then Ie sure, draag dus
zorg. to have, te hebben, in this, in dit. that, opdat, may give you, u
geve. next, toekomende, must-, moeten, try, trachten, that do, die het
doen. them love you, dat zij u beminnen, ye, gij. high, hoog, voornaam.
Lord, Heer. gave, gaf. high, hoogen , magtigen. lo'w, lagen, geringen.
Tich, rijken.
Les 36.
Walk, wandel, tese, gebruik, far, ver. no, geen. to-dayheden, the
next, morgen, may, kunnen, die, sterven, bofh, beide, sing, zingen,
song, gezang, lied, thee, n. love, heb lief. it, zij. draw nigh, zijn.
call on him, Hem aanroeptn help, hulp. name, naam. vain, ijdel.
Les 37.
Look, uitzien, an old one, een oud. soon, spoedig, did (van to do,
doen) deed. last one, laatste, made all over with airt, geheel bemorst.