Boekgegevens
Titel: De koningszoon
Auteur: Tucker, Charlotte Maria
Uitgave: Amsterdam: M.S. Bromet, midden 19e eeuw *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5831
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201147
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De koningszoon
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
was er een bij, dat, ofschoon jeugdig, nooit een glimlach
vertoonde. Onder speeltijd gaven de schooljongens elkan-
der menigen sinaasappel, appel of koek, maar er was er
een, aan wien niemand ooit scheen te denken, een, die
zelfs nooit een blik van vriendelijkheid ontving. Vele
jongens keerden vrolijk naar huis terug, om hun ouders
te vertellen, wat zij van hun onderwijzer gehoord
hadden; maar een voelde zich eenzaam en verlaten in de
wereld, — er was niemand, die hem in zijne ongelukkige
woning verwelkomde, want zulk eene plek kon geen huis
genoemd worden. Waarom zaten zijne makkers niet graag
in school naast den bleeken jongeling met ingevallen
wang en kwijnende oogen; en waarom trachtten zij in de
vroolijke speeluren hem steeds uit hun kring te sluiten?
Helaas! er lag eene vlek op het karakter van Jan Del-
mar, — hij had eens in de gevangenis gezeten, omdat
hij een broodje van een' bakker had gestolen, — hij werd
nu als een dief geschuwd en veracht!
De arme jongen had innig berouw over zijne zonden
en gevoelde nu de bittere gevolgen er van. ïe vergeefs
toonde hij zich steeds bereid iemand een dienst te be-
wijzen, verdroeg stil de beschimpingen en de afgetrok-
kenheid van zijne makkers en was uiterst waakzaam op
zijn eigen gedrag. ïhorn bemerkte den pijnlijken toestand