Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
■260
terwijl de edelste gommen en harstsoorten zelfs niet worden
opgevangen.
Onmiddellijk buiten de stad betreedt men het ongerepte
woud overal waar geene plantages zijn aangelegd, en deze
beslaan, gelijk wij reeds zeiden, het kleinst gedeelte der
oppervlakte; immers ofschoon ruim 350000 akkers (ieder =
0.43 Nederl. hektare) aan eigenaars zijn toebedeeld, worden
tegenwoordig nauwlijks 10080 hektaren werkelijk bebouwd.
Twee en een half uur beneden Paramaribo ligt het fort
NieuW-Amsterdam, op de landpunt gevormd aan de sa-
menvloeiing van de Suriname en de Commewijne, dat zich
steeds in staat van verdediging bevindt.
Hooger op aan de Suriname-rivier, aan den voet der heuvels,
ligt het voorheen bloeiend, thans bijna geheel verlaten, door
Israëlieten bewoonde dorp, J o d e n-S a va n e, alwaar het kor-
don van binnenlandsche verdediging begon, dat zich vroeger
noordoost-waarts tot de kust uitstrekte; later werd hier de
thans weder opgeheven militaire post Gelderland geves-
tigd. Van de overige militaire posten ligt Sommelsdijk oos-
telijker aan de Cottica, Republiek ten zuiden van Parama-
ribo aan de Para, Coronie veel westelijker nabij de zeekusten
Nickérie op den westhoek, aan de monding der grens-rivier
Corantijn; deze laatste plaats, ook Nieuw-Rotterdam
genaamd, is na de hoofdstad de belangrijkste vestiging; de
meeste plantages zijn er in handen van Britsche eigenaars.
Dit distrikt met 3000 inwoners heeft veel te lijden van over-
stroomingen , zoodat het noordelijk gedeelte van Nieuw-Rotter-
dam bereids moest verlaten worden. In het midden der
kolonie, aan den benedenloop der Commewijne, ligt het
etablissement Batavia, ingericht ter opneming en verzor-
ging van de doorgaans ongeneeslijke melaatschen, gemeenlijk
door 160 menschen bevolkt.
De proeven om Europeanen het land te doen bebouwen
zijn in den regel mislukt; in den laatsten tijd bewezen dit
de thans zoo niet geheel dan toch grootendeels verlaten ne-
derzettingen van Nederlanders te Groningen aan de Sara-
macca, en van Duitschers te Albina aan de Marowijne.
De boschnegers en Indianen-stammen zijn allen gevestigd
aan de boven-rivieren in kleine dorpen ouder zelf gekozen
opperhoofden, en zijn bijna zonder uitzondering heidenen;
hun handel beperkt zich tot den aanvoer van gekapt hout