Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
■240
Rijk erkent het Nederlandsch oppergezag, te Moera-Kom-
pej, nabij zijne residentie, ligt dan ook een klein garnizoen.
De door het Aardrijkskundig Genootschap in Nederland
uitgezonden expeditie heeft vooral ten doel de boven-Djambi
rivier en haar vertakkingen te onderzoeken; reeds drong de
bereids overleden, kloeke chef der expeditie, de Luit. ter zee
Schouw Santvoort, van de Padangsche Bovenlanden tot Djambi
aan de oostkust door, en reeds ontdekte een ander deel van
het uitgezonden personeel, onder leiding van den Controleur
van Hasselt, dat er waarschijnlijk een bruikbare waterweg
bestaat tusschen de gewesten in dat Bovenland, alwaar met
name het Ombilien-kolenveld toe behoort, en de Oostkust,
Nadere nauwgezette nasporingen onder den Luit, ter zee
Cornelissen zullen dus allicht tot hoogstbelangrijke ontdek-
kingen leiden,
e. Weder noordelyker liggen langs de oostkust de Rijken
Indragiri en Siak, beide vroeger bgna onafgebroken
door binnenlandschen tweespalt verdeeld doch thans aan
Nederland onderworpen; het eerste slechts met lossen band
verbonden, hoewel de Sultan het gezag erkent dat door den
Resident van Riouw wordt uitgeoefend.
Siak en onderhoorigheden namen toe in bloei, vooral sedert
zich in het noordelijk landschap Deli een aantal Europeesche
landontginners (vooral tabaksbouw) vestigden, wier welvaart
aanvankelijk wordt bedreigd door den onrustigen aard der
inlandsche bevolking. Sinds korte jaren is eene residentie
Sumatra's Oostkust gevormd, met Deli als hoofdplaats,
en de onderafdeelingen Bengkalis, Laboean-Batoe,
Siak en Asahan, alwaar zich nog weinig of geen Euro-
peanen hebben gevestigd.
f. Gouvernement Atsji: de civiele gezagvoerder is tevens
militair bevelhebber en resideert in het versterkte Kotta-
radja nabij den noordwesthoek van Sumatra, de voormalige
hoofdzetel van den Atsjineeschen Sultan. Met moeite wor-
den van hieruit de oproerige cijnsbare vorsten en volkstam-
men langs de west-, noord- en oostkust in eenig bedwang
gehouden, terwijl het binnenland zelfs nog geheel onbekend
is. Slechts schoorvoetend vestigden zich eenige inlandsche
stammen in het onmiddelbaar aan Nederland onderworpen
distrikt — de naaste omstreken van het door een spoorweg
met de kust verbonden Kotta-radja, — alwaar zich echter