Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
verheft de grond zich vry aanzienlijk in het diluvium van de
Veluwe, alwaar de grind- en zandgronden tot ruim
100 M. oprgzen, en eindelijk wordt ook de oostelgke helft
van het Sticht ingenomen door eene heuvelreeks van dezelfde
formatie, een enkel maal 60 tot 65 M. hoog, midden tusschen
Rijn en Zuiderzee; het in veler oog reeds heuvelachtig
Gooiland bij Naarden is erde noordelijkste uitlooper van
maar bereikt toch zelden 30 M. hoogte. Al het overige land is
vlak en bestaat uit kleigronden, door zee-, rivier- en beek-
bezinkingen ontstaan, of uit veenbeddingen en moeras-
sige veenen, behalve de merkwaardige duinreeks welke
Nederland aan de westzgde beschermt voor de woede der
golven en zich ook op de eilanden langs de Noordzee voort-
zet. Die duinreeks is zeer afwisselend van breedte en hoogte;
in Zuid-Holland bg Wassenaar, in Noord-Holland
bg Schoor 1 is zij ruim een uur breed, elders vermindert die
breedte tot een half uur of nog minder, en op enkele plaat-
sen verdwgnen de duinen zelfs geheel en noodzaakt hun gemis
den bewoner van Walcheren om bij Westkapelle, en
dien van Noord-Holland om bij Petten stevige dgken en
dammen aan te leggen ter beteugeling van het zeegeweld. In
het midden der lange reeks, bij Haarlem, zijn zij het hoogst
en bereiken in het Blinkert-duin 60 M.; op de eilanden is de
hoogte minder aanzienlgk. Gemiddeld mag men de hoogte
van de geheele duinreeks op niet veel meer dan 10 M. stellen.
§ 6. Deze onderscheidene soorten van gronden zgn ook
zeer verschillend van gehalte wat het voortbrengings-ver-
mogen betreft; niet overal is de landbouw even beloonend
en daar onze bodem nergens rgk aan delfstoffen is, ontleent
hg zgne waarde bijna uitsluitend aan de meerdere of mindere
bebouwbaarheid.
De primaire, secundaire en tertiaire formatiën beslaan be-
trekkelgk weinig vierkante mglen en zijn in Limburg
door verweering aan de oppervlakte bebouwbaar geworden,
want eene vruchtbare laag van (Limburgsche) klei, die
evenwel niet zeer dik is, bedekt heuveltop en helling; in
het Graafschap Z u t f e n is die toestand zoo gunstig
niet, ofschoon het welvarend Winterswijk op die vorming
is gelegen; in Overijsel deelen die gronden in het-
zelfde lot.