Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
125
van het volk laat weinig te wenschen overig en in verschillende
steden is voor verdere studiën zorg gedragen, onderanderen te De-
venter, Zwolle, Kampen en Enschede door hoogere burger-
of industriescholen. Het volkje is ongemeen werkzaam en
bedry vig en zeer gehecht aan zijne duitjes, maar volstrekt
niet schromende om met zijne geestige en wichtige talenten
tc woekeren, gelyk Twen the duidelijk toont; daar is op
kennis van zaken gegronde ondernemingszucht aan de orde
van den dag, en ofschoon deze eigenaardige bewoners ver-
schillen van die der IJselboorden, zijn beide flink en kloek,
van inborst althans, want de fabrieks-nijverheid in Twenthe
heeft aan de lichamelijke ontwikkeling van den arbeiderstand
geen goed gedaan.
§ 104. Een breede zandrug scheidt het hoofddeel van Overysel
in de oostelijke veenbeddingen eu heuvellandschappen en den
westelijken kleibodem langs den IJsel, die door vruchtbaarheid
uitmunt; het land van Vollenhove, in het noorden, is eene
afwisseling van zandige heuvels en veenachtige plassen en me-
ren , welke slechts op betere afwatering en droogmaking wach-
ten , om hunne productie van riet en biezen in een oogst van
kostbaar zuivel te zien veranderen. Allerwege doorkruisen
uitnemende kunstwegen zoowel de weelderige landouwen als
de uitgestrekte heidevelden en woeste gronden, welke nog
ongeveer één-derde gedeelte der provincie beslaan; verschei-
dene drukbevaren kanalen en eenige spoorwegen bevorderen
bovendien de gemeenschap en verlokken tot een uitstapje
naar dit belangwekkend gewest, dat overal getuigt van snelle
ontwikkeling, hetzij men den noesten landbouwer of den
nijveren industrieel gadeslaat, terwijl schoone landgoederen,
schaduwryke dreven en vriendelijke heuvelklingen de noodige
afwisseling aanbrengen. Ook hier gaat men steeds voort met
de verdeeliug der mark-gronden en gemeente-weiden, deze
overblijfselen van de Saksische voorzaten.
§ 105. De middelen van bestaan der inwoners zijn in de
onderscheiden oorden zeer verschillend, al ziet men nergens
in Nederland de nyverheid zoo hand aan hand gaan met den
landbouw als in Twenthe, alwaar ieder landarbeider 's winters
voor de fabrieken werkt. In het westen zijn landbouw en vee-
teelt , gepaard aan handel, de hoofdzaak; in het oosten treedt