Boekgegevens
Titel: Lagerwey's Aardrijkskunde van Nederland en zijne overzeesche bezittingen
Auteur: Lagerwey, J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1871
4e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5790
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201119
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lagerwey's Aardrijkskunde van Nederland en zijne overzeesche bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
15
banken en Kantongerechten. Het Krijgsvolk staat
terecht voor Krijgsraden en een Hoog Militair ge-
rechtsbof te Utrecht. 1)
Volgens de Grondwet wordt telken jare de Begroo-
ting van inkomsten en uitgaven vastgesteld. t)e S t a a t s-
inkomsten en uitgaven bedragen in de laatste tijden gemid-
deld 90 a 100 millioen. De Inkomsten vloeien voort uit: de di-
recte en indirecte belastingen en accijnsen, de domeinen, poste-
rijen, telegrafen, loterij, acten voor jacht en visscherij, loods-
gelden, mijnrechten, essaailoon, rente ten bedrage van ƒ400.000
ten laste van Belgiö, koloniaal batig slot, enz.
Wapen en Vlag. Het Wapen des rijks is de klimmende
Nassausche leeuw van goud, met keelen (rooden) tong en
klauwen, op een lazuren veld met gouden blokken bezaaid.
De leeuw is gedekt met eene koninklijke kroon. Hij draagt
in den rechterklauw een gouden zwaard, in den linker- een
bundel zilveren pijlen met gouden punten naar boven gericht,
en verbonden met een gouden lint. De schilddragers zyn
twee leeuwen met gouden kronen op het hoofd, die op een
rooden band staan, waarop het devies: Je maintiendrai (Ik
zal handhaven). Het geheel is omgeven door een purpe-
ren mantel met hermelijn gevoerd en gedekt door eene konink-
lijke kroon.
De Nederlandsche vlag bestaat uit drie horizontaal
loopende banen: rood, wit en blauw (de kleuren van het
wapen van prins Willem I).
Ridderorden. Ter belooning van burgerlijke en militaire dien-
sten bestaan er twee ridderorden.
a. de Militaire Willemsorde. Zij is verdeeld in
Grootkruisen, Commandeurs en ridders van de 3«= en
4e klasse.
i. De Orde van den Nederlandschen Leeuw.
Zij is verdeeld in Grootkruisen, Commandeurs en Rid-
ders. Van de Broeders trekken sommigen een-jaargeld.
Grenzen, Grootte. Nederland grenst ten N. en W. aan de
Noordzee, ten O. aan Pruisen, ten Z. aan België. Het
beslaat eene opervlakte van 3.275.533 H. A of 597 □ geogr. mij-
len. Het ligt tusschen 50' 45' — 53=' 30' N. B. en 21» — 24"
50' O. L. van Perro. Het zuidelijkste punt is Mesch in Lim-
burg, het noordelijkste de Groninger kaap op Rottum, het
1) Volgens de wet op de Rechterlijke organisatie (1861), die niet is in-
gevoerd, maar meermalen gewijzigd, zouden de 11 provinciale vervangen
worden door 5 gerechtshoven: te 's-Hertogenbosch, -inihem, 's-Gravcnhage,
Amsterdam en Leeuwarden.