Boekgegevens
Titel: Lagerwey's Aardrijkskunde van Nederland en zijne overzeesche bezittingen
Auteur: Lagerwey, J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1871
4e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5790
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201119
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lagerwey's Aardrijkskunde van Nederland en zijne overzeesche bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
■■IP
SUMATRA.
Grenzen en Grootte. Sumatra grenst ten N. aan de golf van
Bengalen; ten 0. aan de straat Malakka, de Chineesche zee,
straat Banka, de Java-zee; ten Z. aan de straat Soenda; ten
W. aan de Indische zee.
De grootte bedraagt ongeveer 8.000 □ geogr. mijlen, waar-
van ongeveer 5.600 □ mijlen aan Nederl. onderworpen zijn.
luchtsgesteldheid. In de vlakke streken is de lucht zeer heet,
ofschoon niet zoo heet, als op Java; in de bergachtige dee-
len is het klimaat aangenaam; aan de kusten heeft men dik-
wijls onweêrsbuien, waterhoozen , en menigvuldige mist. De
moessons waaien hier als N. W. en Z. O. winden.
Grondsgesteldheid. In de richting van het Noordwesten naar
het Zuidoosten wordt Sumatra door bergen doorsneden, die
zich in den Indrapoera 3.800 M. boven den zeespiegel verhef-
fen en waaronder zich onderscheidene vulkanen bevinden. De
Oostkust is zandig en in het Z. O, in de residentie Palem-
bang en in Djambi laag en moerassig. De binnenlanden
zijn rijk aan wouden, en ofschoon Sumatra nog slechts voor
een veel geringer gedeelte dan Java regelmatig bebouwd
wordt, zijn hier geene gronden, die ongeschikt zijn voor plan-
tengroei; zelfs de kusten zgn overal begroeid.
Voortbrengselen. Uit het die r e n r ij k: buffels, kleine paarden,
varkens, olifanten, rhinocerossen, tijgers, herten, nijlpaarden,
tapirs, orang-oetangs (die op Java niet gevonden worden) , kro-
kodillen. Uit het plantenrijk: rijst, sago, kokosnoten,
suikerriet, koffie, notenmuskaat, kamfer, gember, katoen ,
tabak, peper, indigo, sago, gambier, caoetsjoek, benzoin ,
getah-percha. Uit het delfstoffen rijk-' stofgoud, kopererts,
zwavel, ijzer, tin, kwikzilver en een weinig steenkolen.
Bevolking. Het aantal inwoners is niet juist bekend; in de
Nederl. bezittingen schat men het op ongeveer 2V4 millioen,
waaronder 1.800 Europeanen, 6.000 Chineezen en 4.000 andere