Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
■ffü
34
nederdaling, gewoonlijk incarnatie, vleeschwording) om
redding aan te brengen, wanneer zijne vereerders in
gevaar verkeeren. Eene der voornaamste incarnaties
van Vishnoe is die in Krishna, welken de heldendich-
ten voorstellen als een halfgod, die zich onderscheidde
door zijne dappere daden, zijne buitengewone kennis
en zijne wondermacht. Zijne geboorte werd als wonder-
dadig voorgesteld en evenals zijn verkeer met herders
en herderinnen op bizondere kerkelijke feesten herdacht.
Te gelijk met de vereering van Vishnoe nam die
van den vroeger genoemden god Roedra, den geweldige,
toe; doch men gaf hem den naam van Çiwa, den ge-
nadige, eene van die verzachtende uitdrukkingen, waar-
mede men gevreesde goden trachtte te verzoenen. Toen
het Boedhaïsme onder de Hindoes was uitgeroeid, viel
het moeilijk de eenheid van geloof onder hen te be-
waren. Sommigen namen Vishnoe, anderen Çiwa of
diens gevi-eesde gemalin Doerga of nog andere goden
of godinnen tot hun hoogste voorwerp van vereei'ing
aan. Sedert de 14de eeuw n. C. hebben de Brahmanen
getracht de eenheid te herstellen door Brahma, Vishnoe
en Çiwa tot eene drieënheid (trimoerti) te verbinden
als verschillende openbaringen van een hoogste wezen
in zyne scheppende, onderhoudende en verdelgende
werkzaamheid, doch deze leer vond bij het volk geen
ingang.
Om de rijke letterkunde der Boedhaïsten, geschreven
in eene volkstaal, het Pâli, onschadelijk te maken, be-
vorderden de Brahmanen sedert de 8ste eeuw n. C. het
ontstaan eener godsdienstige letterkunde, en zoo ver-
schenen langzamerhand de achttien Poerana's, die eene
geschiedenis van het heelal geven en zich niet uitslui-
tend met godsdienstleer, maar met alle takken van
kennis bezighouden. Ook ontstonden de twee groote
heldendichten Mahahharata en Bamajana, waarin de