Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
17
noch omdat zij naar de toejuichingen van hunne
vi'ienden en medeburgers haken, of omdat zij de open-
bare meening ducliten. — Een medelydend liart is het
beginsel der menschlievendheid; het gevoel van schaamte
en afkeer is het beginsel der billijkheid en rechtvaar-
digheid; het gevoel van verloochening en eerbied is
het beginsel der maatschappelijke gebruiken; het gevoel
voor waarheid en rechtvaardigheid is het beginsel der
wijsheid."
Ruim 200 j. v. C. gelukte het den stichter der
Ts'in-dynastie het leenstelsel, waardoor de vrye ontwik-
keling der persoonlijkheid en de onbelemmerde werkmg
der wijsgeeren bevorderd was, door een meer centrali-
seerend bestuur te vervangen. De aanhangers van Kong-
tse traden op als verdedigers van het oude regeerings-
stelsel en hadden daardoor eene hevige vervolging te
doorstaan. De keizer gaf bevel om alle heilige boeken
behalve die van den ouden staatsgodsdienst te verbran
den en liet 460 geleerden levend begraven. Eenigen
zijner opvolgers begunstigden de leer van een tijdgenoot
van Kong-tse, met name Lao-tse, die erop aandrong,
dat de mensch zich zooveel mogelijk aan het wereldsche
en zimaelijke moest onttrekken om geheel tot ziel
zeiven in te keeren. Deze leer stelde zich vyandif
tegenover beschaving en vooruitgang, maar onderscheidde
zich door eene strenge zedenleer. De leer van Kong
tse was echter te diep bij het volk ingeworteld om ti
kunnen worden iiitgeroeid. Sedert 57 n. C. werd zi
in den staatsgodsdienst opgenomen, en in de 7de eeuw
n. C. werd zij uitsluitend staatsgodsdienst. Van dien
tijd af werden door den keizer en in alle scholen aan
Kong-tse offers gebracht.
Ofschoon Kong-tse voor de groote meerderheid der
Chineezen het ideaal van den mensch is, A'oldoet zijne
leer niet aan allen, inzonderheid niet aan minder ont-
2