Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
210
om priesters te wijden en diakenen te benoemen; de pi-les-
ters van het platteland kwamen onder het gezag van
de bisschoppen der naburige steden, en dezen werden
ondergeschikt aan de bisschoppen der hoofdsteden, die
den titel kregen van metropolitaan of aartsbisschop^
Diocletianus, die de ziel der regeering bleef, beschouwde
het Christendom als nadeelig voor den staat, daar velen
aan de roepstem van den kerkvader Tertullianus (f 220)
gehoor gaven, om den krijgsdienst te weigeren, en zelfs
een centurib op een feestdag zijne wapenen en onder-
scheidingsteekenen wegwierp, uitroepende, dat hy niet
langer de bevelen van een afgodischen keizer, maar
alleen die van Christus wilde opvolgen. Nog woedde de
bloedige vervolging, die Diocletianus tegen de Christe-
nen was begonnen, toen hij afstand deed van de re-
geering, waarna het rijk weder voor een twintigtal
jaren ten prooi was aan verwarring ^n burgeroorlog,
totdat Constantijn, bijgenaamd de Groote (323—337),
een zoon van Constantius Chlorus, met behulp der
Christenen, die hij boven de heidenen begunstigde, zijne
tegenstanders overwon en alleenheerscher werd.
Deze keizer, die eene groote mate van talent, sluw-
heid en krachtdadigheid aan den dag legde, vestigde
zijne residentie te Byzantium, dat sedert den naam van
Constantinopel kreeg, richtte zijne hofhouding op Oos-
tersche wijze in, en voltooide de door Diocletianus aan-
gevangen hervonningen der "staatsinrichting en der
legerorganisatie. De vier praefecturen, het Oosten, Illyrië,
Italië en Gallië, over ieder waarvan hij een praetorisch
praefect aanstelde, werden verdeeld in 12 diocesen, ieder
onder een vicaris (stadhouder), en ruim 100 provinciën
met rectoren (bestuurders) aan 't hoofd. Al deze ambte-
naren waren met de rechtspraak en het burgerlijk be-
stuur belast. Op deze wijze legde Constantijn de grond-
slagen voor eene drukkende bureaucratie. De lijfwacht