Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
«p
196
hij Cleopatra de bibliotheek van Pergiimus, die nii in
den Serapis-tempel te Alexandrië werd geplaatst.
Op Octavianus, die Italië en het Westen voor zich
had genomen, rustte nu de zware taak de orde in Italië
te herstellen, want benden krijgsvolk trokken er, zonder
tucht, roovend en plunderend heen en weer. Bovendien
verzamelde het overschot der republikeinen zich onder
Sextus Pompejus, den jongsten zoon van den vermoor-
den drieman, wien de tegenwoordige driemannen aan-
vankelyk Sicilië, Corsika en Sardinië hadden afgestaan,
en die weldra de zee beheerschte en Home den toevoer
afsneed. Hij werd echter overwonnen door Agrippa,
den bekwamen vlootvoogd van Octavianus. Deze wendde
zich hierop tegen Lepidus, die Afrika gekregen had,
maar thans door hem afgezet, en wegens zijne onbe-
duidendheid in 't leven gelaten werd.
Weldra kwam het tot een strijd tusschen Octavianus
en Antonius, die Alexandrië tot middelpunt van het
Romeinsche rijk wilde maken. Bij kaap Actium werd
(31 V. C.) een zeeslag geleverd, die ten gunste van
Octavianus uitviel.
Antonius en Cleopatra brachten zich zelve om het
leven, en Octavianus was alleenheerscher.
De Romeinen hadden van de Grieken geleerd over
hun godsdienststelsel en het wezen hunner goden te
philosopheeren. Reeds Ennius (f 109 v. C.) had de van
een Griek overgenomen meening verspreid, dat de go-
den niets anders waren dan menschen, die na hun dood
door het volk vergood waren geworden. Zoo werd
Janus teruggebracht tot een koning van Latimn. Deze
leer vond bij de meer ontwikkelden zooveel ingang,
dat zij de voorschriften van den eeredienst begonnen
te verwaarloozen, dat de tempels in verval geraakten,
en dat somtijds een priesterambt onbezet bleef, omdat