Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
187
het goede bevorderen, de tijd ontbrak er hem toe. De
,?4
meeste landvoogden hadden echter evenals de talrijke
cohors praetoria, die hen vergezelde, tot hoofddoel, | J
zich ten koste der provincie te verrijken. Verres, die
als landvoogd Sicilië nagenoeg te gronde richtte, werd
door Cicero van afpersingen beschuldigd, ten bedrage
van ongeveer 7 millioen Gld. Niet het minst hadden
do provinciën te lijden van de pachters der belastingen.
De provincie Azië was tot eene boete veroordeeld van
ruim 50 millioen Gld., omdat zy koning Mithridates in
zijn eersten oorlog tegen Rome had bijgestaan. De in-
woners namen het geld op bij de publicani, die zulk
eene hooge rente eischten, dat na verloop van 14 jaar
de schuld tot 300 millioen aan kapitaal en interest was
aangegroeid, en nu waren de inwoners om aan de
kwellingen, die de pachters hun aandeden, te ontgaan,
genoodzaakt, niet slechts hunne tempelsieraden, maar
zelfs hunne kinderen te verkoopen. De overheidsper-
soon, die de pachters in hunne afpersingen te keer ging,
had het ergste van hen te vreezen. Dit ondervond
Rutilius Rufus, de legaat (plaatsvervanger) van den
landvoogd in Azië, die zich tegen de kwade praktijken
der pachters had verzet, en nu door hen te Rome van
afpersing beschuldigd en, ondanks de betuiging van
Cicero en andere achtenswaardige mannen, dat hij on-
schuldig was, veroordeeld werd.
Sertorius, een warm voorstander van de volkspartij,
was voor Sulla gevlucht en had in Spanje de vaan des
oproers verheven, waarbij hij krachtig door de inboor-
lingen werd ondersteund. Eerst nadat hij in 72 v. C.
vermoord was geworden, gelukte het Gn. Pompëjus,
den aanzienlijksten van Sulla's aanhangers, de rust te
herstellen.
Terwyl Pompejus nog in Spanje was, had er een ge-
duchte opstand in Italië plaats. Tot vermaak van het