Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
178
door kennis uitmuntende familie der Scipio's behoorde,
was op eene reis door Etrurië diep getroffen geworden
door het gezicht van de menigte geketende slaven, die
overal de onafzienbare grondbezittingen der rijken be-
bouwden, terwijl zijn oog te vergeefs zocht naar vrije
landlieden, die een eigen stukje gronds bewerkten. Dit
deed hem het voornemen opvatten naar middelen te
zoeken, om Italië weder met vrije menschen te bevol-
ken, en tevens om aan de zedelijk en stoffelijk diep
gezonken bevolking van Rome welstand onzelfstandig-
heid terug te geven.
In overeenstemming met eenige aanzienlijke mannen
drong hij, als volkstribuun, aan op de handhaving der
of nooit nageleefde, èf althans in dezen tijd verwaar-
loosde akkerwet van G. Licinïus Stolo (zie bl. 160).
Om aan de rijken eenigszins te gemoet te komen, stelde
hij tevens voor, dat men behalve de 500 morgen, voor
hoogstens twee volwassen en van de vaderlijke macht
ontslagen zonen ieder 250 morgen zou mogen behou-
den, en dat voor de ontginning en de gebouwen der
terug te geven akkers eene schadeloosstelling zou wor-
den verstrekt. Het land, dat door dezen maatregel aan
den staat verviel, zou in deelen van 30 morgen onder
arme burgers en bondgenooten verdeeld worden.
Een vreeselijke storm brak in den senaat en de
gansche nobilitas over den man los, die de bizondere
belangen der rijken zóó durfde aanranden. Het gelukte
den optimaten een anderen volkstribuun om te koopen
tot het uitspreken van zyn veto, waarop Gracchus de
vroeger gedane inwilliging van schadevergoeding weder
uit zijn voorstel lichtte. In eene redevoering, die hij
voor de Romeinen hield, laat Ploutarchos (geboren 50
n. C.) hem zeggen: „De Avilde dieren in Italië hebben
humie holen en legers; maar de mannen, die voor Italië
strijden en sterven, hebben hun vaderland niets te dan-