Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
121)
lingen van 100 man) te velde brengen. De eerste of
rijkste klasse leverde 80 centmiën; de personen, die
nog minder inkomen bezaten dan de leden der vijfde
klasse leverden er slechts ééne. De ruiterij bestond uit
18 centuriën ridders, die aan de eerste klasse waren
toegevoegd. In het geheel waren er 193 centuriën, in
vier legioenen, elk van 4000 tot 6000 man, ingedeeld.
Het legioen had een zilveren adelaar tot standaard en
werd bem-telings door één der zes krijgstrïbunen, onder
wier bevelen het stond, en die ook uit den stand der
plebejers konden worden gekozen, aangevoerd. De man-
schappen waren gewapend met eene speer en een kort
zwaard, doch de wapenrusting, die zij zich moesten
aanschaffen, verschilde naar de klasse, Avaartoe zij be-
hoorden. Die der eerste klasse hadden schild, helm,
scheenplaten en harnas; die der tweede misten het har-
nas; die der derde bovendien de scheenplaten, en die
der vierde hadden alleen een schild om zich te beveili-
gen. Het overige voetvolk deed dienst als hoornblazers,
smeden, timmerlieden en lichtgewapenden, of volgde
het leger om met de wapenen der gesneuvelden hunne
plaats in te nemen. Servius Tullius droeg nu de voor-
naamste rechten van de comitia curiata, zooals het stem-
men over wetten en het besHssen over vrede en oorlog,
aan eene nieuwe volksvergadering op, de comitia cen-
turiata. In deze vergadering werd bij centuriën gestemd,
zoodat de rijksten er met hunne 98 stemmen een sterk
overwicht in hadden. Op zeventienjarigen leeftijd werd
de Eomein dienstplichtig en kreeg hij het stemrecht in
de centurie, waartoe hij behoorde. Eer deze regeling
tot uitvoermg kwam, werd Servius Tullius vermoord.
Zij werd eerst in werking gebracht na de verdi-ijving
van Tarquiaius Superbus (510 v. C.).
De patriciërs, die aan het koningschap een einde
hadden gemaakt, wisten zich bij de.nieuwe staatsrege-