Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
I
J
121)
bronzen standbeeld van Athene. Behalve uitstekende
beeldhouwers, bouwmeesters en schilders kon Athene
in de dagen van Perikles ook bogen op voortreffelijke
treurspeldichters, zooals Aischtilos, Sophökles en Euri-
pides, blijspeldichters, zooals Aristophitnes, en de ge-
schiedschrijvers Herodötos en Thoukudïdes.
Ondei-tusschen was de eensgezindheid, die de Griek-
sche staten in den hevigen strijd tegen de Perzen had
verbonden, met het gevaar verdwenen. De Spartanen
zagen met nyd, hoe het democratische Athene In macht
en aanzien klom, en de Atheners beschouwden het
aristocratische Sparta als hun natuurlijken vyand. Bij
zulk eene stemming kon eene geringe omstandigheid
aanleiding geven tot een oorlog, en deze ontbrandde
ook weldra.
Vil. De Peloponnesische Oorlog (431—404 v. C.),
Korinthe yverzuchtig gewoi'den op de ontwikkeling
der zeemacht van zijne volkplanting Kerküra (Corcyra),
wilde haar In hare eigene zaken de wet stellen. De
vertogen van Kerkura, dat volkplanters geene slaven
moeten zijn van het moederland, maar dezelfde vrijheid
beliooren te hebben, als men daar geniet, bleven zon-
der gevolg, en zoo ontstond er een oorlog, waarin de
Atheners Kerkura bijstonden, en de Korinthiërs Potidaia
aanmoedigden, zich aan het bondgenootschap met Athene
te onttrekken. Toen deze staat hierop het beleg voor
Potidaia sloeg, elschten de Spartanen, dat de Atheners
het zouden opbreken, en aan al hunne bondgenooten
de vryheld geven. Athene weigerde, en daarop trok
een Spartaansch leger In Attika. In 't algemeen sloten
zich in den oorlog, die hierdoor was uitgebroken, de
staten met eene aristocratische regeering (de Dorische)
by Sparta, en die met eene democratische (de Jonische)