Boekgegevens
Titel: De Hoogere Burgerschool te 's Gravenhage: bijdrage tot de kennis van de oorzaken van den minder gunstigen toestand waarin zij, ook volgens de Regerings-verslagen, verkeert
Auteur: Serière, V. de
Uitgave: 's Gravenhage: H.L. Smits, 1872
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4885
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200873
Onderwerp: Onderwijs: algemeen voortgezet onderwijs
Trefwoord: HBS, Den Haag
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De Hoogere Burgerschool te 's Gravenhage: bijdrage tot de kennis van de oorzaken van den minder gunstigen toestand waarin zij, ook volgens de Regerings-verslagen, verkeert
Vorige scan Volgende scanScanned page
ming te verleenen, om hun in de scheikunde extra-lessen te
geven, werd een afwijzend antwoord ontvangen, en getracht
door eigen oefening in dat vak de vereischte kennis te bekomen,
terwijl in andere vakken privaatlessen werden genomen bij de
Heeren Dr. Bleekrode, Eeeser en later bij den Heer Frederiks.
Zij legden zich met ernst er op toe om de noodige vorderingen
te maken, en uit de van tijd tot tijd bij de leeraren ingewon-
nen berichten mocht ik vernemen dat zij zulks met bevredigend
succes deden.
Toen in Juni 11. het tijdstip voor examen A naderde, werd
hun door den Heer Frederiks aangeraden de laatste dagen zich
uitsluitend toe te leggen op hetgeen voor dat examen werd
gevorderd. Zij verzochten daartoe, terwijl ik mij te Ems be-
vond, vergunning, die hun door mij, in de meening dat daar-
tegen geen bezwaar bestond, werd gegeven.
Zij bleven dus, even als hunne kameraden, die zich voor
examen A oefenden, sedert het begin der laatste helft van Juni
te huis.
Van den 6<len tot den 8sten Juli namen zij deel aan liet
examen, waarvan de uitslag den 11 den bekend werd en voor
hen bleek ongunstig te zijn.
Nu werd hun door een hunner leeraars de raad gegeven om
aan het overgangsexamen der H. B. Scliool maar geen deel te
nemen, daar zij toch wisten dat zij niet in aanmerking zouden
komen om over te gaan in de 5® klasse.
Dat het voor hen noodig of wenschelijk was aan dat over-
gangsexamen deel te nemen werd door mij, evenmin als door
hen, volstrekt niet vermoed, en niemand gaf mondeling of
schriftelijk te kennen dat zulks beter ware.
Ik verkeerde dus in de stellige meening, diligent te zijn,
en dat het voldoende was de heropening van den cursus af te
wachten, ten einde hen weder in de 4« klasse te zien opnemen.
Den dezer begaven zij zich dan ook weder naar de
school en namen in de 4e klasse de plaatsen in die hun bij
de laatste rangschikking waren aangewezen. In die klasse was
toen o. a. tegenwoordig de lieer leeraar Gomm, die, bemerkende
dat hunne namen niet voorkwamen op de Jijsten, te kennen
moet hebben gegeven dat zulks aan eene vergissing moest