Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
180
coupe d'un pain s'ap-
pelle l'enlamure.
On a du pain tendre, du
pain rassis et du pain
chaud.
L'humidité a moisi ce pain.
Otez-en le moisi ou la moi-
sissure.
Ce pain n'est pas cuit,
ce nest que de la pâte.
On mêle le levain avec la
pâte dont on veut faire
du pain.
een brood snijdt, heet
de bovenicorst.
Men iieeft versch, ond-
baliken en warm brood.
De vocliligbeid heeft dat
brood beschimmeld.
i\eem er de scliimmel af.
Dat brood is niet gaar,
het is slechts deeg.
•Men mengt het zuurdeeg
met het deeg, waarvau
men brood wil maken.
17.
/e charretier conduit sa
charrette.
On a charrid ces pierres.
Ce charron est un habile
ouvrier.
llya une boutique de chape-
lier au coin de cette rue.
Les forgerons font les gros
ouvrages de fer, comme.
barres, ancres, chaînes,
instruments aratoires,
etc.
De karrenian stuurt zijne
kar.
Men heeft die steenen met
eene kar vervoerd.
Die wagenmaker is een
knap werkman.
Er is een hoedenmakers win-
kel op den hoek dier
straat.
De smeden maken het
grove ijzerwerk, zoo
als: stangen, ankers, ket-
tingen, werktuigen voor
den landbouw, enz.