Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
164
Le maïs {blé de Turquie)
sert d'aliment chez tous
les peuples des régions
méridionales.
Les barbes des épis d'orge
sont plus longues, que
celles des épis de seigle.
Une gerbe est un faisceau
de blé coupé.
Les moissonneurs font
tomber le blé sous la
fau cille.
Het turksche koren dient
tot voedsel bij al de
volken der zuidelijke lan-
den.
De baarden der gerst-aren
zijn langer, dan die dei
rogge-aren.
Eene schoof is een bundel
gemaaid koren.
De maaijers doen het korei
vallen onder de sikkel
13.
Ce fermier a beaucoup de
terres labourables.
Une friche est un terrain
qu'on néglige et qu'on
ne cultive point.
De là le verbe: défricher.
Quand ou laisse reposer
une terre un ou deux
ans, on la nomme jachè-
re ou terre en friche.
Voilà des arbres de haute Daar staan hoogopgaand
futaie. boomen.
Die boer heeft veel bouw
land.
Een onbebouwd land is eei
grond, dien men ver waat
loost en niet bebouwt.
Van daar het werkwoord
ontginnen.
Als men een land een c
twee jaar onbebouwi
laat, dan heet men be
braakland.