Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
138
sigtigheid 4) aan de dapperheid 5). De twee legers
vereenigen hunne krachten om den vijand te^ bestrij-
den 6). Zij noodzaakten (C) ons om die brieven te 7)
sci)rijven. Men zal ons nooit kunnen noodzaken om
tegen ons geweten 8) te handelen. Men zal hem met
geweld 9) daartoe 10) dwingen. Vreest gij niet, ")
dal men u noodzaken zal (F) de stad te verlaten 11)?
Hij heeft eenen hoogen ouderdom 12) bereikt. Hij
strekte 12) den arm uit 13) en bereikte (C) hem
met 2) zijnen slok. Wij zullen dat dorp voor 14)
den nacht bereiken. Wij vertrokken (C) ter zelf der
tijd 15) ; maar wij bereikten (G) ons doel 16) eerder
dan 14) gij.
1) survenir. 2) de. 3) à. 4) prudence, f, 5) valeur, f.
G) combattre. 7) à. 8) conscience, f. 9) par force. 10) y.
11) quitter. 12) grand â(;e. m. 13) étendre. 14) avant.
15) en même temps. 16) but, m.
*) AIS het werkwoord craindre zelf ontkennend is. komt er geen
ne bij het volgende werkwoord.
2.
Zult gij den man afschilderen 1), waarvan gij ge-
sproken hebt? Overtreden 2) wij niet dagelijks 3)
de geboden 4) Gods? Indien zij den brand reeds
gebluscht 5) hebben. Wij vreezen, dat hij veinst 6)
ziek te zijn. Hij heeft dat landschap 7) in water-
verw 8) geschilderd 9). Wij klagen 10) over de
kortheid 11) des levens; maar weten wij niet, dat
wij zoo vele kostbare 12) oogenblikken verspillen 13)?
Hij beklaagde 14) mij; doch hij ondersteunde (C) mij
niet. Men lieeft mij gelast 15) om mij naar Amster-
dam te begeven 16). Zouden wij de ongelukkigen