Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
124
2.
Wat doet gij? Ik maak mijne vertaling over 1).
Wij moeten ons van kwade gewoonten ontdoen 2).
Ofschoon wij dien man voldoen 3). begrijpen wij
dat wij iedereen niet voldoen kunnen. Hij voldeed (C)
al zijne scliuldeischers 4). Verkoop mij die koop-
waren legen dien prijs, en overvraag 5) mij niet.
Zij doen alles wat zij kunnen om ons genoegen te
geven 3). Wij zullen deze vertaling overmaken 1).
De goede lucht is geschikt 6) om eenen zieke te
herstellen 1). Maaktet fC) gij die reis met uwen
broeder? Hebt gij die opstellen vertaald 7), of zult
gij ze nog vertalen? .>1en bouwde 8) vele schepen
in dat jaar. Zij hebben die muren met kalk 9) be
streken 10). Zij waarschuwden ons, uit vrees dat
wij misstappen 11) begingen 12).
1) refaire. 2) se de'fiiire. 3) satisfaire. 4) cre'ancier, m.
5) surfaire. 6) capiible de. 7) traduire. 8) conslruire.
9) dc cliaux. 10) eridiiire. 11) faute, f. 1) faire.
3.
Wie heefl u overgehaald 1) om kwaad te doen?
De lijd vernielt 2) de sterkste 3) gebouwen. Het
water vernielde (^C) de dijken 4). Die bakkers AaMen 5)
alle dagen veel brood. Wij laten 6) onze kinderen
wel onderwijzen 7). Hij is wel onderrigt 7) van die
zaak. Ik zal zijnen vader kennis geven 7) van zijn
gedrag. Zult gij hem in de kamer uws vaders
binnenleiden 8)? Wie zou dien man in dat gezel-
schap binnengeleid hebben? De boeren melken dage-
lijks 9) de koeijen. Is die koe al gemolken? Men