Boekgegevens
Titel: De kleine rekenmeester, of gemakkelijk rekenboekje voor meergevorderden: stelsel van munten, maten en gewichten
Serie: Tien cents rekenboekjes, 3
Auteur: Hemkes, H.
Uitgave: Groningen: M. Smit, 1859
6e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4547
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200774
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine rekenmeester, of gemakkelijk rekenboekje voor meergevorderden: stelsel van munten, maten en gewichten
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
4 mijl en 7 el; 16 m^l en 18 el; 219 m^l 6 rd.
en 5 el; 375 rd. en 7 el.
Nu moet gij weder eenige vragen beantwoorden.
a) "Wat deel is een tan van het vat?
b) Wat deel een maatje , en ook een vhigerh. van
het vat ?
c) Wat veelvoad is het vat van een kan : van oen
maa^'e, en ook van een vingerh. ?
d) Wat deel is een schepel van de mud , een kop
van de mud, en een maa^e van de mud ?
e) Wat deel is een mud van het last?
10. Schrijf in kannen: 8 mtjs.; 6 vingerh.; 4
mtjs.; 6 vingerh.; 12 kn. 6 mtjs.; 5kn. 56 vingerh.;
3 vt. 12 kn. 8 mtjs.; 16 vt. 29 kn. 5 vingerh.
11. Schrijf in kannen: 64 mtjs.; 365 mtjs.;
365 vingerh.; 6 vt. 1 kn. 36 vingerh,
12. Schrijf in vaten : 4 kn.; 16 kn.; 6 mtjs.;
16 kn. 4 mtjs.; 35 kn. 3 mtja.
13. Schrijf in vaten: 56 kn.; 356 kn.; 7256
kn.; 16 vt 536 vingerh.
14. Hoe kunt gy 6,54 kn. al lezen ? Hoe
356,25 kn.? 0,56 mtia.? 0,005 kn.? 6,536 mtjs.?
15. Hoe nog 16,524 vt. ? 0,5271 vt. ? 21,409
vt.? 0,6 vt.? 8,6 vt.? 91,52675 vt. ?
16. Schrijf in mudden : 6 schp. ; 4 kp.; 24
mtjs.; 4 schp,; 8 kp.; 7 kp. 8 mtjs.; 5 md. 3
schp, 8 kp.; 16 md. 4 schp, 3 mtjs.
17. Schryf in mudden: 16 kp.; 32 mtjs,;
312 schp.; 376 kp.; 8164 mtjs.; 16 md. 35 mtjs.;
4 md. 375 mtjs.
18. Hoe kunt gij 36,521 md.; 0,526 md.;
0,3652 ntd.; 0,6575 md.; 57,16 schp.; 328,5 kp.;
83675 mtjs. al lezen?
Al weder eenige vragen ter beantwoording.
u) Wat deel is een korrel van het pond?
è) Wat doel is een wigtje van het pond?
c) Wat deel is een lood van het pond?
d) Wat deel is een ons van het pond?