Boekgegevens
Titel: Handboek tot het voeren van Engelsche gesprekken, bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen welke in den dagelijkschen omgang voorkomen
Auteur: Gunn, C.H.; Clairmont, K.G.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-220
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200695
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek tot het voeren van Engelsche gesprekken, bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen welke in den dagelijkschen omgang voorkomen
Vorige scan Volgende scanScanned page
,114
teachers etc. etc. are pro-
fessional genilemen.
Every one who keeps a shop
is a tradesman.
There is also a strong distinc-
tion between banker, mer-
chant and tradesman.
A tradesman is one who keeps
a shop.
Same shopkeepers are both
t<»/iotesale and retail dealers.
A merchant deals only in
wholesale.
He has warehouses but no
shop.
His nephew was brought up
for a clergyman.
He intends his son to become
a barrister.
I wish to be a lawyer, an
attorney.
I must beg you to app/y to my
soZz'citor.
You said your brother was a
physician.
He is Doctor of medicine (an
M.D.).
Where did he take his degrree ?
She trembles at the mention
of the dentist.
He was a /eZlow-st«dent of
mine.
He has become an oculist of
great repute.
You will find he's a great
scholar.
He is a /iVerary man of some
reputation.
Have you been studying phy-
sic long.
One must be a good mathe-
genieurs, onderwijzers, enz.
enz., worden professional
gentlemen genaamd.
Teder die een winkel houdt is
een tradesman, handelaar.
Er is ook een groot onderscheid
tusschen een banier, mer-
chant and tradesman.
Een tradesman is iemand die
een winkel houdt.
Sommige shopkeepers verkoo-
pen in het groot en in het
klein.
Een merchant verkoopt alleen
in het groot (een grossier).
Hij heeft pakhuizen maar
geen winkel.
Zijn neef werd voor den gees-
telijken stand opgeleid.
Hij bestemt zijn zoon tot een
regtsgeleerde.
Ik wensch advokaat of pro-
cureur te worden.
Ik moet u verzoeken om u bij
mijn advokaat te vervoegen.
Gij zeidet dat uw broeder ge-
neesheer was.
Hij is Medicinae Doctor.
Waar is hij gepromoveerd?
Zij beeft wanneer men van een
tandmeester (dentist)spreekt.
Hij was student met mij.
Hij heeft een grooten naam
gekregen als oogarts (oculist).
Gij zult bevinden dat hij een
groot geleerde is.
Hij is een geletterde van
eenigen naam.
Hebt gij reeds lang in de
medicijnen gestudeerd?
Men moet een goed wiskundige
Km
J