Boekgegevens
Titel: Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1881
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3028
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200462
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Ontleding (taalkunde), Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
De heilige eendracht is het zout,
Dat huis en stad in wezen houdt.
De Feniciërs waren de eersten, die zich op den zeehandel toe-
legden— De pen, waarmede gij schrijft, is eene ganzepen — De
]>en, waar zij mede schreef, was eene stalen pen — Te Vecre toont
men het huis, waarin Maria van Reigersberch geboren is —Men
heeft te Keulen het huis gesloopt, waarin Vondel wjs geboren —
Het onderwerp, waarover wij s|.reken, is gewichtig — Praat nimmer
over zaken, van wölke gij geene kennis hebt— Koffieboonen zijn
kernen van boomvruchten, die op kersen gelykon — Er was nie-
mand, of hij verblijdde zich [die zich niet verUijdde].
V O O R B E E L D,
De leerling^ die zïjn plicht hclrachi ^ %vordt bemind —
Samengestelde volzin, bestaande uit een hoofdzin en
een ondergeschikten bijvoeglijken zin.
De leeiding tvordl bemind — onb. bev. enk. eigenschapszin,
hoofdzin,
die z-ijn plicht betracht—bep. bev. enk. eigenschapszin,
bijvoegt. zin.
De leerling — ond.
wordt bemind — gez.
die — ond,
betracht zijn plicht — uitgebreid gez.
zij9i plicht — uitgebreid voorwerp.
z-ijn — be,. van plicht.
29. De bijnoordvhjhc ondeigepchikte volzinnen, die in de
plaats treden van een bt^uoorJ, zyn zeer talrijk. Men
leert de voorraannste soojten kennen in de volgende