Boekgegevens
Titel: Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Auteur: Bruin, Servaas de
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, ca. 1905 *
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-29
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200416
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Vorige scan Volgende scanScanned page
73
fonkelen, fun'keln.
fonkelnieuw, na'gelneu.
fontein, der Brun'nen, 2.
fooi, das Trink'geld. 3.
foppen, fop'pen, nec'ken.
forceer en, forcie'ren.
formaat, das Format', 1.
formaliteit, die Forma-
lität', 5.
fortuin, das Vermö'gen.
fourier, der Fourier', 1.
fout, der Feh'ler, 2.
framboos, die Hira"bee're,
5.
frambozensap,
der Him"beersaft'.
franco, fran'ko, frei.
franje, die Fran'se, 5.
frankeeren, frankie'ren.
fregat, die Fregat'te, 5.
frisch, frisch.
fronsen, run'zeln.
front, die Fron'te, 5.
fruit, das Obst.
furieus, ra'send, wütig.
fijn, fein.
gaan, ge'hen.
gaar, gar; te gaar, zu gar;
niet gaar genoeg, nicht
gar genug'.
gaatje, das Lö'chelchen
{mrv.: die Lö'cher-
chen).
gading, der Geschmack'.
gal, die Gal'le.
gala, die Ga'la.
galop, der Galopp'.
galoppeeren, galoppie'ren,
in de gang, itn Korridor'.
aan den gang, im Gan'ge.
aan den gang maken, in
Gang set'zen.
ga je gang, nur zu'; im-
mer zu'l
gans, die Gans, 1*.
gansch, ganz
ganzenbord, das Gän'se-
spiel, 1.
gapen, gaffen, gäh'nen.
een gapende wond, eine
klaffende Wun'de, 5.
garen, das Garn, 1; der
Zwirn, 1.
een streng garen,
ein Strähn Garn.
garen- en bandwinkel, das
Weiss'Warengeschäft'.
garnalen, die Garne'len,
5.
garneersel, die Garnitur',
5.
garnizoen, die Garnison',
gas, das Gas {mrv.: Gasse).
gaslantaarn, die Gas"la-
ter'ne, 5.
gast, der Gast, 1*.
gat, das Loch, 3*.
gauw, schnell.