Boekgegevens
Titel: Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Auteur: Bruin, Servaas de
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, ca. 1905 *
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-29
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200416
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
3) Met het onbepalend lidwoord wordt het adjec-
tief in den len naamval enkelvoud verbogen juist
zooals het verbogen wordt zonder lidwoord. In al
de andere naamvallen enkel- en meervoud verbuigt
men het adjectief met onbepalend lidwoord juist
als met het bepalende lidwoord. De eenige uit-
zondering is deze: bij onzijdige substantieven heeft
het adjectief in den 4en naamval enkelvoud den-
zelfden uitgang als in den len naamval enkelvoud.
Verbuiging der Voornaamwoorden.
I. Persoonlijke,
Enkelvoud.
3e persqpu.
Kaam.
val.
Ie
2e
ae
4e
Ie pers. 2e pers.
(voor al de Mannelijk. Vrouwelijk. Onzijdig,
geslachten).
ich du er sie
meiner deiner seiner ihrer
mir dir
mich dich 'ihlV'^^'- fiel'^'^-
Meervoud voor al de geslachten.
es
seiner
Nmvl. le pers. 2e pers. 3e pers.
le
2e
3e
4e
wir ihr sie N.H. De 3e persoon
unser euer ihrer heeft voor den 3en en
uns euch ^ sich naamval enkel- en
uns euch sie ^ ' meervoud het weder-
keerend voornaam-
woord „sich".
NB. In den beschaafden omgang spreekt men
niemand met du aan, maar met sie (= u, gij).
Dit wordt met groote S geschreven, om het te