Boekgegevens
Titel: Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Auteur: Bruin, Servaas de
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, ca. 1905 *
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-29
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200416
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Vorige scan Volgende scanScanned page
107
(geraas:) der Lärm.
levend, leben'dig,
levendig, leb'haft.
levensbeschrijving, die
Le"bensbesciirei'bung,
5.
lever, die Le'ber, o.
leverancier, der Lieferant',
5.
leverantie, die Lie'ferung,
5.
lezen, le'sen.
lezenswaardig, le'sens wert.
lichaam, der Kür'per, 2.
lichameljk, kür'perlich.
1 {{niet zivaar:) leicht;
" 'Knie« donker:) licht.
het licht, das Licht, 3.
lichtelijk, leicht.
lichtgeloovig, leichf'gläu'-
big.
( ein loc'kerer
;• 7.. • Vo"gel, 2*.
hcht,ms,
' Mensch", 5.
Maria lichtmis, die Licht"-
mes'se.
lid, das Mit'glied, 3.
lidmaatschap, die Mit"-
gliedschaft'.
lied, das Lied, 3.
lief, lieb.
liefde, die Lie'be.
liefelijk, lieb'lich.
liegen, lü'gen.
lierdicht, das ly'rische
Gedicht', 1.
lies, die Scham"lei'ste.
liesbreuk, der Bruch, 1*.
lieve, lie"be.
lieveling, der Lieb'ling, 1.
lievelings-, lieb'lings-.
liever, lie'her.
Ußafje, die Leckerei', 5.
liggen, lie'gen.
ligging, die La'ge.
likdoorn,das Hüh"nerau'-
ge, 5.
likeur, das sü'sse Getränk",
1.
likken, lec'ken.
limonade, die Limona'de,
5.
lindenbloesem, die Lin"-
denblü'te, 5.
liniaal, das Linial', 1.
linie, die Li'nie, 5.
linieschip, das Li"nien-
schiff", 1.
linïéeren, linie'ren.
linker, link.
linkerhand, die lin'ke
Hand.
linnen, das Lei'nen, die
Lein'wand.
linzenmeel, das Lin"sen-
mehl'.
Up, die Lip'pe.
lispelen, flü'stern.
lispen, lis'peln.