Boekgegevens
Titel: Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Auteur: Bruins, F.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1878
6e, herz. dr
Opmerking: II
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2489
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200395
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Vorige scan Volgende scanScanned page
80
varen tot Gondokóro (op 4° NB). Achttien eeuwen zocht men
naar zijne bronnen, welke in 1863 zyn gevonden door Speke en
Grant; zij liggen ten Z. der evennachtslijn op het groote meren-
plateau (Victoria en Albert Nyanza). De wateren der met eeuwige
sneeuw gekroonde Kenia en Kiüma-Ndzjaro, de hoogste bergen
van Afrika, voeden den Witten Nijl, gelijk de Blauwe Nijl en
de Atbara gevoed worden door de bergwateren van Habesj , „het
Afrikaansche Zwitserland." De Witte Nijl is altoos troebel; zijn
water smaakt onaangenaam naar rotte planten, tengevolge van de
vele lage, moerassige streken, welke hij zelf en zijne talrijke takken
(waaronder de Gazellenstroom) doorsnijden. De Blauwe Nijl is helder
als kristal. De Atbara, in den regentijd een geweldige stroom,
lost zich in het droge seizoen maanden lang op in eene reeks van
poelen vol krokodillen. De Nijl doorstroomt reusachtige meren,
huiveringwekkende ravijnen, lage marschen, brandende woestijnen
en eindelijk het vruchtbare dal van Egypte. Terecht heet de Nijl
een wandelende weg; de kracht van den stroom voert de schepen
stroomaf; de N.wind, die bijna 't geheeie jaar in Egypte heerscht,
maakt stroomop de scheepvaart mogelijk; de heilzame schrik voor
Egypte's heerschappij maakt den Nijlstroom veilig, tot ver boven
Khartoem. Het Nijlwater heet „de champagne ouder de wateren."
In den Indischen Oceaan stroomt de Zambézi, welke
in het binnenland den prachtigen Victoria-waterval
vormt.
In grootsche schoonheid wordt de beroemde Niagara door dezen
waterval verre overtroffen. De 1000 M. breede Zambeäi valt hier
plotseling in een' gapenden afgrond, 100 M. diep en nauwelijks
35 M. breed. Vijf of zes reusachtige kolommen van dwarrelenden
waterdamp, 60 tot 100 M. hoog, van onderen wit, van boven
in donkere wolken overgaande, verrijzen onophoudelijk uit den
donderenden afgrond. Terecht noemen do inboorlingen dit natuur-
tafereel Mozi-Watóenja d. i. „rook raast hier."
In den Atlantischen Oceaan vallen: de Oranjerivier;
de reusachtige, door Stanley's tocht meer bekend ge-
worden Kongo; de nog bijna geheel onbekende Ogowé;