Boekgegevens
Titel: Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Auteur: Bruins, F.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1878
6e, herz. dr
Opmerking: II
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2489
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200395
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Vorige scan Volgende scanScanned page
83
De uithoeken van Afrika zijn: in 't N. kaap Blanco,
in 't O. kaap Gardafui, in 't Z. kaap de Goede Hoop,
in 't W. de Groene kaap (Cabo Verde). ])e zuidelijkste
punt is de Naaldenkaap.
Afrika vormt een der drie zuidelijke vastlanden, welke, verge-
leken met de drie noordelijke, alle moeten achterstaan in belang-
rijkheid; 1. door hunne minder gunstige natuurlijke gesteldheid,
2. door hunue geringere beteekenis voor de beschaving des mensch-
doms. Eigenaardig is bij Afrika: 1. dat het zich bijna even ver
ten N. als ten Z. der evennachtslijn uitstrekt, 2. dat het nabij
de evennachtslijn het dichtst bevolkt is.
§ 2. Schets van het land. Op den achtergrond der
Golf van Guinea verrijst de zeer hooge, alleenstaande
vulkaanklonip van het Caraerón-geb. Eene lijn, van
deze berggroep getrokken naar straat Bab-el-Mandeb,
doorsnijdt het trotsche Alpenland van Abyssinië en ver-
deelt Afrika in twee zeer verschijlende helften. De
zuidelijke helft noemt men gewoonlijk Hoog-Afrika.
Zij wordt langs beide oceanen door randgebergten om-
zoomd, die elkander aan de znidspits ontmoeten en
aldaar de terrassen van het Kaapland vormen. Buiten
den oostrand hgt in 't 1X0. het driehoekig plateau van
het Somali-land, waarvan kaap Gardafui (= pas op 1 Legende)
den tophoek uitmaakt. De westrand is minder gesloten
en ook minder hoog dan de oostrand, welke laatste zich nabij
den evenaar ver boven de sneeuwlinie verheft in den Kili-
ma-Ndzjai-o (= berg der grootte; 5660 M ) en deu Kenia (seoo M.),
de twee hoogste der bekende bergen van Afrika.
Tusschen de beide randgebergten liggen twee reus-
achtige kommen en een niet minder reusachtig meren-
plateau. Het laagste punt der zuidelijke kom, gedeeltelijk
Tvelbewaterd, gedeeltelijk woest (Kalahari-wcestijn), is liet al Uaar 't Seizoeu
in omvang toe- of afnemende ?!t^gami-meer; de noorde-