Boekgegevens
Titel: Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Auteur: Bruins, F.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1878
6e, herz. dr
Opmerking: II
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2489
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200395
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driemaal den aardbol om!: aardrijkskunde voor de volksschool in drie ineensluitende leerkringen
Vorige scan Volgende scanScanned page
73
Het klimaat is zeer vochtig; bet land wordt besproeid door talrijke
rivieren. In het hart des eilands ontspringen 3 hoofdrivieren:
de Baritoe of Bandjar loopt naar het Z., de Kapoeas naar
het W. en de riv. van Koetei naar het O.; alle drie vormen
uitgestrekte delta's, en zetten in den regentijd het land heinde en
ver onder water; in grootte staan ze ongeveer gelijk met den Rijn,
De kusten van Borneo zyn meestal moerassig. De gebergten
schijnen in het midden eenen knoop te vormen, vanwaar in alle
richtingen niet zeer hooge bergketens als stralen uitschieten. De
hoogste toppen bereiken zelden de hoogte van 2000 M.; alleen
de Kinibaloe verheft zich op de N. punt tot de buitengewone
hoogte van 3200 M. De wijde vlakten tusschen de gebergten
zijn aangeslibd laagland, meestal eene vruchtbare wildernis.
Borneo is rijk aan allerlei uitmuntende voortbrengselen: de beste
kamfer en sago, steenkolen, goud en diamanten. In de wouden
leven de orang-oetan, de reusachtigste torren en kapellen; aan de
kusten vangt men de reuzenschildpad, soms wel 300 KG. zwaar.
Voor deelen is Borneo aan ons gezag onderworpen. Ons
gebied wordt in twee deelen, de Westerafdeeling en de Zuider-
en Oosterafdeeling, onderscheiden; de eerste is iets grooter dan
Java, de laatste ongeveer driemaal zoo groot.
Bandjermasin is de hoofdpl. der Znider- en Oosterafdeeling; de atad is
grootendeels op palen en op vlotten gebonwd; het fort en de regeeringsgebon-
wen liggen op het eiland Tatas, in de rivier; goud en steenkolen zijn de
voornaamste artikelen vau uitvoer. Ten O. van de hoofdpl. ligt aan een* tak
van de Baritoe Martapoera, met de steenkolenmijn Oranje Nassau. De
omstreken van Bandjermasin zijn rijk aan goud. De belangrijkste steden aan
de W. kust zijn Pontianak en Sambas Ten Z. van Sambas liggen de
goudmijnen van Montrado, door Chiueezen bewerkt; in de omstreken van
Montrado wordt thans ook kofHc en katoen gekwetkt.
Onafhanketijk is de sultan van Broeneiy die in 1846 aan Engeland het
steenkolenrijke eilandje Lahoeun (havenplaats Victoria) heeft afgestaan.
Zuidelijker ligt Serdtcaky bekend door den Engelschman James Brooke, die
als »radja van Serawak" hier orde en welvaart wist te scheppen, de antimoni-
um-mijnen liet ontginnen, de zeeroovers tuchtigde en een' drukken handel
in 't leven riep. Sedert zijnen dood (1868) regeert een zijner neven als „radja
van Serawak." De N.punt van Bórneo is even als het eiland Pahwan onder-
worpen aan den sultan van de Sollok- of Soeloe-eilanden; zijne onderdanen
zijn de meest beruchte zeeroovers in den Archipel. (Gedeeltelijk onderworpen
aan Spanje.)
ÜÜ