Boekgegevens
Titel: Zaadkorrels: vertellingen ten dienste van de zedelijke opvoeding der leerlingen van 6 tot 8 jaar
Auteur: Ankum, L. van
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 08-237
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200070
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorrels: vertellingen ten dienste van de zedelijke opvoeding der leerlingen van 6 tot 8 jaar
Vorige scan Volgende scanScanned page
25
macht om hulp en dat hoorde een man , die er juist voorbij
kwam. Deze reikte hem de hand toe, en haalde hem
weer op het droge.
Schreiend en kletsnat kwam hij thuis, en dat zijne
moeder niet zeer vriendelijk keek, kunt ge wel denken.
Zijne moeder gaf hem droge onderkleeren en nog wat —
en toen werd hij op bed gestopt. En de jongens vroegen
hem den volgenden dag: »Hoe heeft de snoek gesmaakt,
Jan?"
14. Heb medelijden met de vogeltjes.
^ene jonge musch was uit het nest gevallen. Rudolf
zag het diertje op den grond spartelen en raapte het
op. Maar hij ging veel te ruw, veel te wreed met het
muschje om. Hij wierp het in de lucht om het te laten
vliegen. Maar de vleugeltjes van het diertje waren nog
te zwak, het kon zich nog niet redden in de lucht, het
kon nog niet vliegen en dan viel het weer neer op den
grond. En dan bezeerde het zich.
Dit gebeurde voor het huis, waarin een medelijdend
meisje woonde. Margaretha heette ze. Zij kon het niet
langer aanzien, dat Rudolf zoo wreed mxCt het arme
vogeltje omging.