Boekgegevens
Titel: C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Auteur: Gellert, C.F; Schenkman, J.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, OTM: KK 06-168
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200031
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Fabels (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Vorige scan Volgende scanScanned page
70 de v kien dsc hapsdiekst.
Het lust mij zulk een Vriend te roemen. —
Den nazaat ter gedaelitenis,
Behoef ik slechts Amint te noemen.
AA^iens Avecrga niet te vinden is.
Spreekt, na verloop van vele jaren,
Een red'naar eens van Vriendenpligt,
Hij noem' slechts hem, — en ganschen scharen
Staan straks de tranen in 't gezigt.
Tot hem, dien trouwslen aller A^riuden,
f Sprak Cleon eens: // ik ken uw trouw,
//Vriend! doe me uw bijstand ondervinden;
// Ik weet voor mij een lieve Vrouw.
//Ze is fraai, verstandig, heeft vermogen,
//'t Geen and'ren Schoonen meest ontbreekt.
//'t Is 't edelst hart, dat, door hare oogen,
//Bij ied'ren opslag, lieflijk spreekt.
//Amint! dat uwe gunst mij diene!" —
//AA'ie kan uw aanzoek tegenstaan? —
// Begeef u straks naar AA^ilhelmine,
//En spreek, voor mij, hare Oud'ren aan.
// Ik weet, dat gij door vele zaken
//Belemmerd zijt"... //Zwijg!" sprak Amint,
// Daar is toch altoos tijd te maken
//Tot hulpbetooning aan een Vrind.
f Ik ga, opdat ik ras u diene:
//Verlaat u op mijn vlijt en trouw!" (
Hij ging terstond, zag AA'ilhelmine,
• En — nam haar voor zich zelf tot vrouw. i