Boekgegevens
Titel: C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Auteur: Gellert, C.F; Schenkman, J.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, OTM: KK 06-168
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200031
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm), Fabels (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   C.F. Gellert's Fabelen en vertelsels
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
DE AAP BIJ HET DAMBORD.
Een Aap, die bij twee Jongelingen
Met dammen bezig, zicli aan 't bord had neergezet,
Beschouwde opmerkzaam, hoe de schijven weerzijds gingen;
Ja züó naauwkeuvig werd door hem op 't spel gelet.
Alsof hij trotsch te kennen wilde geven,
Dat hij in 't vroeg voorzien eens damslags was bedreven.
Nu lei hij zijn misnoegen aan den dag.
Dan scheen hij 't weder met den speler wel te meenen:
Hij schudde soms zijn kop op 't schuiven van den eenen.
En billijkte dan weêr, verheugd, des and'ren slag.
De een, die het gaarne van zijn Makker wilde winnen.
Moest op een goeden zet zich rijpelijk bezinnen.
Dit duurde d' Aap te lang; hij stiet hem zachtjes aan,
En wenkte dat hij voort zou gaan.
/'AVat schijf," liet toen de Knaap met spot zich hooren,
// Als gij 't zoo wel verstaat, wat schijf nu best verkoren ?
u Doet deze, of die, waarop ik thans mijn' vinger stel,
«■liet meeste voordeel aan mijn spel?"
Onze Aap vond zich gestreeld, en meesmuilde op dit vragen.
(\Vat Aap is vrij van zelfbehagen?)
Hij keurde, op 't eigen oogenblik,
De beide schijven goed, door 't geven van een knik.
Zoo gij de wijsheid wilt doorgronden
Van zulke menschen, die zich voordoen, als verstonden