Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
66
wrijving ten minste gelijk aan de helft van den last. De twee
duizend pond vereischen op een horizontalen zandweg duizend
pond, dus eene tienmaal zoo groote trekkracht als
op een horizontalen straatweg.
Spoor- Nadat men reeds lang te voren door het aanleggen van houten
g®^ wegen getracht had de wrijving te verminderen, kwam men in
't begin der vorige eeuw, een geruimen tijd voor de uitvinding
der stoomwagens, in Engeland op de gedachte om op die hou-
ten wegen ijzeren sporen te bevestigen en dus spoorwegen
aan te leggen. De eerste dezer wegen voerde uit de steenkolen-
groeven van Newcastle tot aan de rivier de Tyne, Avaar de schip-
f^ pers de kolen inlaadden, en de ontzettende kolenwagens wer-
den op dien weg door paarden getrokken. De wrijving bedraagt
op een ijzeren spoorweg ten hoogste V-m van den last, zoodat een
paard daarop 10 maal zoo veel kan voorttrekken als op een goe-
den straatweg. Bij deze geringe trekkracht zijn hellende vlakken
met de grootste zorgvuldigheid te vermijden; een hellend vlak,
dat op eene lengte van 20 el slechts een palm opstijgt, en dat
voor het oog volkomen horizontaal schijnt te zijn, zou terstond
de dubbele trekkracht vereischen, daar de last met V200 van
zijn gewigt benedenwaarts tracht te rollen en nog bovendien
Y200 tot bet overwinnen der wrijving noodig heeft.
De wet 36. De wet der inertie 1).
der Proef a. Op eene tafel legge men een zoo zuiver mogelijk
me f—
tie. gevormden kogel van eene stof naar verkiezing; waarschijnlijk zal
Fig. 37. hij naar de eene of andere zijde heen
_ rollen en daardoor aantoonen, dat het
^^^^^^^ tafelblad niet volkomen horizontaal
ü'"^"....................riiii'n'i'"irnii'i staat, maar een hellend vlak vormt;
Men zal het mij, hoop ik, niet ten kwade duiden dat in een werk,
zoo elementair als dit, een kunstterm als deze wordt gebezigd. Ik
beken gaarne dat ik voor het duitschc Beharrungsg esetz geen
goed hollandsch woord heb kannen vinden. Ln.