Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
760
van de hand af; de door zwaren arbeid hard en lioornaclitig
gewordene huid der handen is een zoo slechte warmtegeleider,
dat de smeden er gloeijende kolen op dragen; een ondergelegd
stuk papier laat de warmte van de kagchel langzaam tot
een daarop geplaatst glas overgaan en beschut het tegen sprin-
gen; ijskelders omringt men tot beschutten tegen de zo-
merwarmte met stroo of met eene laag kolen of asch. De ge-
heele oppervlakte der aarde is een slechte warmtege-
leider, opdat zij in den zomer de wortels der planten voor het
indringen der warmte en het verdorren beveilige, maar in den
winter ze voor het verliezen der warmte en het bevriezen be-
ware.
ir. DE VERBREIDING DER WARMTE DOOR STRALING.
Warmte- Uitstraling van warmte. Terwijl de warmte zich
straling, geleiding verbreidt, deelt ieder ligchaamsdeeltje aan het
volgende, en ieder ligchaam aan dat, 't welk het onmiddellijk
aanraakt, warmte mede. Maar de warmte van het een of ander
voorwerp kan zich ook aan een ver w^ ij d e r d ligchaam meêdee-
len, zonder dat de ligchamen, die zich daartusschen bevinden,
verwarmd worden.
Proef rt. Plaatst men zich voor het vuur van een open
haard, dan gevoelt men aan de hand of het gezigt eene bran-
dende hitte. En toch is de lucht, die zich tusschen het vuur
en den waarnemer bevindt, geenszins in zulkeu graad verwarmd.
Men houde een scherm, een blad papier, tusschen de warmte-
bron en het gezigt. Oogenblikkelijk is daardoor het gevoel van
warmte weggenomen, 't geen het geval niet zou kuinien zijn,
indien de lucht van den omtrek zoo ver verwarmd was; maar bij
het Avegnemen van het scherm wordt het even zoo schielijk weder
hersteld. Daar het scherm, dat in regte lijn tusschen het vuur en
het ligchaam gehouden wordt, de warmte terug houdt, zoo volgt.