Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
705
De hoeveelheid vloeistof, die aan den luchtstroom bloot-
gesteld is, zal vroeger verdampt zijn.
Zoo zal ook de grond, wanneer op regen wind volgt, snel-door den
Ier droogen dan bij windstilte, en op droogvloeren is men g^^QQjjj^
gewoon voor sterken togt te zorgen. De luchtstroom bevordert
de verdamping, daar zij met de lucht ook de uit de vloeistof
ontstaande dampen wegvoert en eene nieuwe luchtlaag aanbrengt,
waarin zich minder dampen bevinden. Hoe minder waterdam-
pen echter op de opstijgende dampen drukken, of hoe drooger
de lucht is, des te levendiger moet de verdamping geschieden.
Proef h. Zet men van de beide even veel water bevattende
schalen de eene op de matig warme kagchel, dan zal in haar door
de verdamping der geheele watermassa veel vroeger plaats heb- ^.'a^mle^
ben dan in de andere, die slechts aan de kamerwarmte bloot-
gesteld was. De gestookte kagchel levert de hoeveelheid warmte,
die tot de dampvorming noodig is, veel sneller, weshalve ook
de verdamping sneller voortgaat.
Proef f. Eene glazen buis (chloorcalciumbuis) worde aan
het eene einde met eene kurk gesloten en geheel met water ge-door ver-
vuld. Haren inhoud giete men in eene reageerbuis, die met de
buis eene gelijke wijdte heeft, en, nadat dezedampende,
Eig. 384. ggi^egi ig^ j^gt overschot in een scho-^'»^^^"^^"
teltje. Daarop keere men de reageerbuis, ter-
wijl men hare opening met den vinger sluit,
om, doope ze in het water van het schoteltje
en trekke den vinger weg. Door middel van
een stuk ijzerdraad, dat men aan zijn eene
einde, onder het schoteltje, tot een cirkel
buigt en tot een beugel vormt, laat zich dan de reageerbuis,
waaraan men boven het ijzerdraad een stukje was vasthecht,
zoo ophangen, dat zij slechts even in het water van het scho-
teltje indoopt, maar zelf gevuld blijft. "Verdampt men uit het
schoteltje zoo veel water, dat de opening der reageerbuis vrij
wordt, dan stijgen daarin luchtblazen en toonen door de ruim-