Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
701
op den Montblanc bij 85 graden en op de hooge vlakte van
Quito in Amerika bij 90 graden C, waarom aldaar het vleesch
sleclits in gesloten potten gaar gekookt kan worden. Een berg
moet des te hooger z ij n, hoe geringer temperatuur het
op zijnen top tot koken gebragte water heeft. Daarom kan men
zich den thermometer en het kookpunt des waters ten
nutte maken om de hoogte van een berg te bepalen. Tot dit
oogmerk gebruikt men een thermometer, wiens graden zeer
lang en in twintig deelen verdeeld zijn; hij is in een metalen
kookvat met gedestilleerd, schoon water gezet, en daaronder
is eene spirituslamp aangeschroefd.
368. De proef van Leidenfrost en de vuurproef.
Proef. Wanneermen tegen eene heete metalen vlakte, b. v. van Lei-
tegen de deur eener verwarmde iJenfrost. |j
^'ë- kagchel, waterdroppels brengt, ^
dan veranderen deze zich snel
eu sissend in damp. Een in 't
oog vallend verschijnsel, door
Leidenfrost omstreeks het
midden der vorige eeuw waar-
genomen , heeft er echter plaats,
wanneer de metalen oppervlakten sterker verhit, vooral wan-
neer zij gloeijend zijn.
Een gewonen zilveren lepel verhitte men, terwijl men hem door
middel eener kurk vasthoudt of op een drievoet legt, een tijd
lang boven de levendige vlam der spirituslamp. Daarop neme
men een staafje, doope het in water of spiritus en late den
proppel, die er aan hangt, in den sterk verhitten lepel val-
len. De droppel sist niet , kookt niet en verdampt uiterst
langzaam; daarbij bevindt hij zich in eene draaijende of op en
neergaande beweging. Een tweede droppel, dien men bij den
eersten laat vallen, vereenigt zich met dezen tot een groo-
teren Hoe heeter het metaal is, hoe grooter watermassa's