Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
663
Wanneer de deelen van een ligchaam of van aan elkander vast Ver-
zittende ligchamen ongelijkmatig verwarmd en daardoor onge-
lijkmatig uitgezet worden, dan hebben er verschijnselen plaats, ongelijk-
die in de meeste gevallen onwelkom zijn. Wordt een glas op „"setting
een heeten kagchel gezet of heet water op den bodem van het glas
gegoten, dan springt het ligt ten gevolge der o n g e 1 ij k-
matige uitzetting, die op den bodem veel sneller en ster-
ker is dan aan de minder verwarmde zijwanden, en ten gevolge
der broosheid van het glas, waardoor het zich niet kan buigen.
De te snelle mededeeling der warmte van den kagchel aan den bo-
dem van het glas kan ligt door daaronder gelegd papier verhin-
derd worden. Het leem in de voegen eener kagchel scheidt
zich van de stukken ijzer, zoodra deze zich sterker uitzetten dan
het leem; bij snelle verhitting of afkoeling springt het glazuur
van het keukenvaatwerk eu gaat los, en ijzeren krammen, die
bij" strenge winterkoude aan een gebouw zonder speelruimte in-
gevoegd zijn, gaan bij warmer weder los.
*Proef. Een houten liniaal, van omstreeks 3 palmen lang,Sehijnba-
3 ä 4 duim breed en 5 ä 8 strepen dik, worde bij eenen kag- doeringen'
chel of boven eene spiritusvlam aan de eene zijde ver- op de
warmd. Zij trekt daarbij krom, gelijk men zien kan, '"'anneer
men er den kant van eene andere liniaal tegen houdt of een
draad er langs spant, en wel is de verwarmde zijde hol ge-
worden , ten blijke dat het hout bij de verwarming niet uit-
gezet, maar ingekrompen is. Zoo zal ook eene deur, die
des winters in haar kozijn klemt, des zomers niet klemmen,
vooral bij aanhoudend droog weder. Dit laatste geeft
eene verklaring aan de hand van wat er eigenlijk geschiedt bij
het inkrimpen van hout, papier en andere vezelachtige ligcha-
men door verwarming. Zij droogen daarbij uit, het vocht,
dat zij allen meer of min in hunne poriën bevatten, verdampt
door de verwarming, en niettegenstaande de vezelen elk op zich
zelve zich door de verwarming uitzetten, geraken zij dóór de
verwijdering van het vocht zoo veel digter bij elkaar, dat het ge-
ce. nat. 43