Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
611
p e r V i t r i O O 1 of van dubbel chroomzure potasch.
Men zal daarbij de belangrijke waarheid bevestigd zien, dat
elk zout een bepaalden, van die der andere meer of min
verschillenden, maar voor het zelfde zout geheel
standvastigen kristalvorm bezit.
Proef b. Van eene nu vooral niet minder verdunde oplossing
van loodsuiker brenge men als bij de vorige proeven een y . ^ y
druppel op een glaasje, zonder dit te verwarmen, en üsatie
plaatse daarin een snippertje zink, ter grootte van een spelde- derme-
knop. Onder het mikroskoop zal men nu aan dit zink zich lood
in de fraaiste vertakkingen zien aanzetten, dat uit de oplossing
in den metaalstaat te voorschijn treedt, terwijl een gedeelte vau
het zink, dat meer verwantschap tot zuurstof bezit dan lood,
daarvoor in de oplossing wordt opgenomen.
Herhaalt men deze proef met eene oplossing van chloor-
tin, waarin men zink, of van salpeterzuur zilver, waarin
men een klein druppeltje kwik plaatst, dan ziet men het tin en
het zilver zich evenzeer in fraaije, onderling en van die
van het lood geheel verschillende kristalvormen aan
het zink of k\nk aanzetten. Ook de metalen nemen on-
der daartoe gunstige omstandigheden bepaalde kristal-
vormen aan.
Men beziet deze kristallisatiën bij doorvallend, en later, voor-
al die der metalen, ook bij opvallend licht.
329. Verrekijkers met voorwerplenzen of refractoren.
Wat het mikroskoop voor het onderzoek van kleine, maar n a- De ver-
bijzijnde voorwerpen verrigt, dat zelfde verrigt de verrekij-^^^'-^^^^'
ker vooi' verwijderde voorwerpen, die wegens hunnen aanmer-
kelijken afstand ons klein toeschijnen. Dit werktuig is de uit-
vinding van een nederlaudschen brillenmaker. Hans L i p-
p e r s h e y, die te Middelburg woonde en van Wesel geboortig
was. Zijne kinderen speelden eens met lensglazen, bragten er
twee aan de einden eener buis, waarin de vader gewoon was