Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
551
zich vertooneude spiegelbeeld uit de wetten der terugkaatsing Verkla-
te verklaren. Van het punt A voor het verlengd gedachte spie-
gelvlak vaUen ontelbaar vele stralen op den spiegel, onder an-
deren ook A M en A N.
238. 2ij worden allen zoodanig
terug gekaatst dat de te-
rug gekaatste straal met
het spiegelvlak een even
grooten hoek maakt als
de invallende. De straal
A M neemt na de terug-
kaatsing den weg M O,
en A N den weg N 0. Beide stralen met de tusschen beiden lig-
gende komen in het oog. Hunne rigting is echter zoodanig dat
zij te zamen, wanneer men ze over het achtervlak des spiegels
heen verlengt, in het punt a, dat even zoo ver achter het spie-
gelvlak ligt als het voorwerp A er voor, zamenkomen; het oog
verkrijgt door de terug gekaatste stralen den zelfden indruk, als-
of zij van het punt n achter de spiegelende vlakte uitgingen;
zij zouden het oog eveneens aandoen, wanneer het voorwerp
zelf zich in het punt a bevond en er geen spiegel was. Er is
echter geenszins in het even ver achter het spiegelvlak gelegene een vlak-
punt a werkelijk een beeld voorhanden, zoo als b. v. eene schil- ^p^gggj
derij aanwezig blijft, al ziet er ook geen mensch naar; van het is sub-
punt gaau immers werkelijk geene lichtstralen uit , maar de Jectief.
terugkaatsing geeft hun eene zoodanige rigting dat zij het oog
t O e s c h ij n e n als van daar uit te gaan. Ware in a objectief of
werkelijk een beeld voorhanden, dan zou het ook zigtbaar blijven,
als het oog zich links van den spiegel bevond, waarbij volstrekt
geen voorwerp tusschen beiden zoude zijn, dat het bedekte; het
beeld verdwijnt alsdan echter, omdat er geene terug gekaatste stra-
len in het oog komen. Hef beeld in een vlakken spiegel is derhal-
ve niet iets dat objectief bestaat, maar het is slechts een subjec-
tief beeld, dat zich voor het oog van het ziende subject vertoont.
cu. nat. 36